Dag Rotterdam

Afbeelding

“Even kijken…. Ik denk dat het hier was, maar helemaal zeker weet ik het niet.” Marcoen en ik staan in de Oude Haven op het Haringvliet. Ik kijk naar een gebouw waarvan ik vermoed dat hier vroeger ‘Stadsradio Rotterdam’ in zat. Wat raar dat ik het niet meer weet want ik heb hier toch hele belangrijke jaren van mijn leven doorgebracht. Nadat ik in 1993 terug kwam uit Australië kreeg ik al snel een baantje bij deze populaire stadszender. Eerst las ik nieuws, later presenteerde ik het lunchprogramma “Big City”. Ook deed ik veel live-verslaggeving.
Ik doe een paar passen naar achter en bekijk de rij huizen. Wat een herinneringen liggen hier. Met mijn iPhone maak ik een foto van het pand en even later twitter ik naar oud-collega Pierre Papa: “Op welk nummer zat Stadsradio Rotterdam?”. Ik voeg de foto toe. Marcoen staat verderop bij het pand van het Rotterdamsch Studenten Gezelschap. Daar heeft hij herinneringen liggen. We hebben beiden, los van elkaar, in Rotterdam gewoond en zijn nu bezig met een ‘sentimental journey’

Terwijl ik richting Marcoen loop, gaat de deur van het pand open en komen een jongen en een meisje naar buiten. “Mag ik wat vragen?”. Ik loop naar hen toe. “Zat vroeger ‘Stadsradio Rotterdam’ in dit pand?”. Ze kijken me een beetje oenig aan. “Geen idee”, antwoordt de jongen. Jammer. Ik kijk op mijn mobiel, Pierre heeft nog niet gereageerd.
Terwijl Marcoen en ik richting de Witte de Withstraat lopen reken ik even hoe lang het al geleden is dat ik hier werkte. Het was rond 1994. Misschien waren die jongen en dat meisje van net toen nog niet eens geboren! We genieten de rest van de dag van het boottochtje naar Hotel New York, van de lunch bij Dudok en van een avondwandeling door Delfshaven.

Thuisgekomen googel ik het adres van Stadsradio. Het klopt, het was inderdaad nummer 78. Meteen daarna loop ik naar boven om een doos met foto’s te pakken. Ik vind een stapeltje foto’s van mijn tijd bij Stadsradio. Ik moet soms echt in mijn geheugen graven om de namen bij de gezichten te krijgen. Henk Blok, Erik Kross, Pierre Papa, Roeland Cuppers, Franz von Lindern, Ger Koedam, Annemarie Vis, Loes van de Schaft, Marcel Strucker, Remco Bosshard, Sander ‘t Sas, Ron van de Steen, Ad Koppendrayer en nog heel veel anderen. Veel van hen werken nog steeds bij de radio of doen in ieder geval nog iets met hun stem. Sommigen werken bij de televisie, anderen zoeken muziek uit voor verschillende radiozenders. Eén van de genoemde mensen, Loes, is een paar jaar geleden overleden. Wat hebben we veel beleefd samen. Festivals, oud & nieuw, uitzendingen op lokatie…
Ik mijmer nog even door. Twintig jaar geleden alweer. Tijd voor een reünie…

Afbeelding

 

 

Droomklus!

“We gaan beginnen. Ik stel voor dat we volgende week de laatste details doorspreken….”
Ik lees mijn mail nog een keertje en voel ineens mijn hart sneller kloppen. Is het echt waar? Ja… het is echt waar, maar helemaal geloven doe ik het nog steeds niet. Ik hap nog een keer naar adem en zeg tegen mijn zoon die achter zijn computer zit; “Jemig Pim, het is gelukt. Ik ga een column schrijven voor het Amersfoortse katern van het Algemeen Dagblad”. Hij kijkt verstoord op, “leuk…”.

Marcoen is niet thuis, hij is aan het werk. Ik pak mijn telefoon en bel mijn beste vriendin. Die schrikt zich in eerste instantie rot want mijn stem klinkt wat onvast. Ik bel mijn moeder en nog een andere vriendin. Tussendoor lees ik de mail van de nieuwschef van het AD Amersfoort nog een keer door. Ik kan het bijna niet geloven.

Ik realiseer me dat wekelijks een column schrijven echt een waanzinnige klus is, in meerdere opzichten. Lukt het me om elke week een mooie column te schrijven? Heb ik genoeg onderwerpen? Ik denk het wel, de afgelopen twee jaar heb ik in ieder geval flink geoefend door om de paar dagen een blog te schrijven. Verhalen over dingen die mij opvallen in de wijk waar ik woon, blogs over mijn persoonlijke belevenissen. Hopelijk worden mijn verhalen straks ook door de lezers van het AD gewaardeerd en laat ik wenkbrauwen fronzen, lachrimpels verschijnen of gaat de lezer nadenken over ogenschijnlijk onbelangrijke zaken….Ik heb er in ieder geval zin in!

Afbeelding

 

 

Nog eentje…

“Nog één biertje en dan ga ik naar huis”, zeg ik tegen Marcoen terwijl ik het broodje hamburger zonder morsen probeer op te eten. Dat is nog best een klus want het is een flinke hamburger en naast de hamburger is het broodje ook belegd met sla, ui, kaas en verschillende soorten sauzen. Mijn biertje heb ik maar even op de vensterbank van een huis gezet, zodat ik beide handen vrij heb voor het broodje.

Terwijl we staan te genieten van deze Koningsdag-snack kijken we naar een meisje bij een hek. Een kwartiertje geleden stonden er nog twee stevige stoere dames met felgele jasjes met ‘security’ er op. Deze tengere jongedame heeft gewone kleding aan.
De bedoeling is dat ze voorbijgangers op de fiets tegenhoudt en terugstuurt, want de straat staat afgeladen vol met allemaal mensen die aan het eind van deze zonnige dag nog aan het borrelen zijn.

Ineens zie ik dat ik toch heb gemorst en terwijl ik met een servet de mayonaise van mijn shirt probeer te halen zien we dat de dame staat te bellen en niet ziet dat een man met zijn fiets langs de hekken gaat. “Wat zou ze gaan doen?” vraagt Marcoen zich hardop af.

Ze draait zich plotseling om, ziet de man en loopt hem achterna. Ze spreekt hem aan. Aan zijn lichaamshouding en zijn gebaren maken we op dat hij het niet eens is met het feit dat hij niet met zijn fiets verder mag. Het meisje kijkt met een vriendelijk gezicht naar hem op. Zij klein en tenger, de man groot en breed. De man wijst de straat in. Zelfs van achteren kunnen we zien dat hij enorm geïrriteerd is.
De jonge vrouw draait haar hoofd naar haar schouder. Daar zit iets van een walkie-talkie op denk ik. Ze knikt en zegt iets tegen de man met de fiets. Ik heb bewondering voor haar, ze lijkt niet onder de indruk van de man. Uiteindelijk loopt ze met de man mee, door de menigte. 



Ik drink een slok van mijn bier. De dame komt terug lopen. “Was hij erg vervelend?”, vraag ik haar. “Nou, hij was flink pissig”, antwoordt ze. Ze vertrouwt ons toe dat ze eventjes bij het hek stond omdat de dames die er de hele dag al stonden pauze hadden. “Ik loop stage bij een andere afdeling. De hele dag is er niets gebeurd, nu sta ik hier en dan krijg ik dit”. Ze zucht en kijkt op haar horloge. “Nog een kwartiertje, dan mogen de hekken open”. Ze klinkt bijna opgelucht en gaat weer naast het hek staan.

Ik kijk Marcoen aan; “Nog één biertje?”. “Nog één biertje…” is zijn antwoord. “Het is tenslotte Koningsdag”.Afbeelding

Stil

Wat lag ze stil. Het leek of ze sliep. Haar borstkas ging niet op en neer, niets bewoog. Wat lag ze stil. Handen gevouwen, ogen dicht, haar gezicht leek ontspannen. Wat lag ze stil.

Afbeelding
Ruim twee jaar geleden ontmoette ik haar voor het eerst. Ze had last van haar geheugen en ik probeerde haar en haar man zo goed mogelijk te begeleiden. We verzonnen praktische oplossingen, zorgden voor een agenda, bespraken de week. We bespraken de onderzoeken aan haar hersenen en ik probeerde haar partner inzicht te geven in het ziekteproces.
Diezelfde periode ontdekten ze dat hun zoon autistisch was en dat hij naar speciaal onderwijs moest. Ook daarin heb ik hen proberen te ondersteunen. Ze accepteerden dat hun zoon anders was en deden alles om zijn leven goed op de rit te krijgen.
Het leek een tijd redelijk te gaan. Ze genoten ze van het leven en van elkaar. Ze trokken er vaak op uit. Ze gingen wandelen en bezochten musea. Ondanks de geheugenproblemen van mijn cliënte leefden ze hun leven. Totdat ze een rare hoest kreeg. Na een heleboel onderzoeken bleek dat ze kanker had. Chemo’s, een pruik, bestraling; het kwam allemaal langs.

Gelukkig hielp hun rotsvaste vertrouwen in God hen. Dat vertrouwen was zo groot dat ze een een wonder verwachtten. In hun kerk werd gebeden voor herstel en kracht. Helaas bleef het wonder uit; vorige week stierf ze.

Vandaag was de dankdienst. Er was muziek, er waren mooie teksten en er lag een  prachtig bloemstuk op de kist. Ik raakte er van in de war; God danken voor het leven dat ze had gehad. Blij zijn met het feit dat zij nu al is verhuisd naar iets dat we hemel noemen. Ik kan dat niet begrijpen. Ik wilde het wel uitschreeuwen;  ik ben namelijk heel erg boos op die God en snap er helemaal niets van. Vijftig jaar is veel te jong om te sterven. Acht jaar is veel te jong om je moeder kwijt te raken. Na bijna 15 jaar huwelijk moet je je vrouw niet hoeven te begraven.

Wat een klotedag.

Afbeelding

Stel je voor…

AfbeeldingStel je voor….

Ik kijk in de spiegel en zie een vermoeid en afgetobd gezicht. Mijn ogen staan hol, de wallen onder mijn ogen zijn groter dan ooit. Ik heb al ruim een week niets van mijn man gehoord. Vorige week namen we nietsvermoedend afscheid. Hij ging naar een conferentie, ik verwachtte hem ‘s avonds gewoon weer thuis, maar hij kwam maar niet. Zijn mobiele nummer heb ik tig keer ingetoetst, maar steeds kreeg ik zijn voicemail. Ik raakte in paniek. Belde zijn collega’s. Die vertelden me dat hij helemaal niet op de conferentie was geweest. De politie heeft onze auto gevonden bij de Pyramide van Austerlitz. We hebben met een groep vrienden en kennissen de hele omgeving daar afgelopen. Niets. Ik kan amper slapen. Eten lukt me ook niet. Mijn kinderen kijken me elke ochtend vragend aan; “Al iets van papa gehoord?” . Ik schud nee. Ik weet dat ik door moet voor de kinderen, maar het liefst zou ik in bed blijven liggen met een kussen op mijn hoofd.  Niets voelen, niet denken. Mijn gedachten gaan alle kanten op. Ik ga alle scenario’s na. Heeft hij een andere vriendin, is hij gekidnapt, is hij overleden? Het is een nachtmerrie, waarom kwam mijn man niet gewoon thuis. Wat is er gebeurd?

Stel je voor…..

Ik en Elsa, 21 jaar oud, zijn op wereldreis naar Australië. We hebben een fantastische tijd en elke dag hebben we even contact met onze ouders. We besluiten te gaan wandelen. Onze paspoorten laten we in het hostel liggen, mijn portemonnee vergeet ik daar ook. Na een ontbijt met twee leuke Nederlandse jongens gaan we op pad. We hebben zin in de dag. Het zon schijnt en er hangt geen wolkje in de lucht.
Dat we van plan waren om te gaan wandelen is het laatste wat onze ouders van ons weten. We zijn al ruim drie weken vermist. Tientallen mensen zijn dagenlang op zoek naar ons geweest. Ze vinden niets. Het lijkt alsof we van de aardbodem verdwenen zijn.  De hoop van onze ouders slaat om in wanhoop.

Stel je voor….

Dat je de vrouw bent van Hanno uit Amersfoort. 47 jaar oud met drie jonge kinderen. Hij zou tien dagen geleden naar een conferentie gaan in Driebergen maar is daar nooit aangekomen. Onvindbaar.

Stel je voor….

Dat je de ouders bent van Kris en Lisanne, ook uit Amersfoort, die landelijk nieuws zijn geworden omdat ze sinds 1 april in Panama vermist worden. Ook bij hen ontbreekt elk spoor.

Ik hoop zoiets nooit mee te hoeven maken. Ik wens ze alle sterkte van de wereld….
Afbeelding

Wie zaait…

Afbeelding

Vanaf mijn plaats aan de eettafel kan ik zo de tuin achter in kijken. De laatste dagen valt het me op dat er zoveel gras groeit. Vooral in de buurt van de tuintafel. Nu weet ik wel dat ik al lang geleden aan de slag had moeten gaan met wat tuingereedschap om het onkruid weg te krijgen, maar dit onkruid is toch anders dan andere jaren.Normaal hebben we ook wel kleine groene plantjes die tussen de stenen vandaan komen, maar nu gaat het echt om gras. Ik lees weer verder in de krant en drink een slok van mijn koffie. Even later wordt mijn aandacht toch weer naar de tuin getrokken. Waar komt dat gras vandaan? Dan valt ineens het kwartje…..

Afbeelding

Bokketrap 2014

 “Wat is dat nou voor rare actie… nooit wil je fietsen, en nu je een tocht kunt maken langs kroegen ben je ineens wel actief. En dan moeten de kinderen ook nog eens mee….” Dit was mijn reactie twee jaar geleden toen Marcoen met Pim en Puck de “Bokketrap” ging fietsen. Ik weet nog dat ik flink pissig was omdat ik het echt heel stom vond. Hoe vaak had ik niet voorgesteld om eens met het hele gezin een stukje te fietsen? De reacties waren steevast zo ‘lauw’ dat ik het er maar bij liet zitten. En nu…. nu was meneer wel ineens enthousiast. Grrrr….  De kinderen werden meegesleept en Puck werd halverwege naar huis gebracht omdat de ruim 30 km toch wel een beetje veel was voor Puck op haar kinderfiets. Het jaar daarop deden Marcoen en Pim weer mee, maar ik bleef uit koppigheid thuis. Stom vond ik het. Heel stom!

Dit jaar liet ik mijn koppigheid varen; het leek me namelijk wel een leuke manier om de Eerste Paasdag door te komen. Ik heb namelijk weinig met Pasen en om nu thuis naar een paar eieren te gaan zitten staren…daar had ik geen zin in. Verder wilde ik wel graag iets met zijn vieren ondernemen en nu Puck een ‘volwassen’ fiets had was het voor haar ook makkelijker te behappen.

Na het ontbijt begonnen we bij ‘de Vereeniging’ bij de Eemhaven, daar werden de vlaggetjes aan onze fiets gemonteerd. Verder fietsten we langs Biercafé Zomaar, Café de Dikke, Jackson5 in Stoutenburg, Eetcafé Dims en de Nieuwe Erven. Overal namen we een drankje en kregen we een hapje. Wat grappig was, na een paar lokaties herkende je steeds meer medefietsers en werd de sfeer steeds losser. Dat kwam waarschijnlijk ook wel door de Bokbiertjes. Het was echt een flinke tijd geleden dat ik aan het bier zat, maar zo in combinatie met de fietstocht was het erg lekker.

Afbeelding

Ik denk dat een familie-traditie geboren is. Voor de komende ‘Bokketrappen’ heb ik wel een goed voornemen; niet zomaar achter iemand anders met vlaggetjes aanfietsen. Gewoon zelf goed de routebeschrijving lezen. Scheelt toch een paar kilometers.