Geef ze de tijd…

Zouden ze trots zijn geweest, de demonstranten van de actiegroep Alle Dieren Vrij? Zij stonden een dag na de dramatische gebeurtenis in DierenPark Amersfoort op de stoep actie te voeren voor sluiting van de dierentuin. Ik vond het nogal ongepast. Alsof de anti-rookvereniging Clean Air Nederland bij de begrafenis van mijn vader met borden zouden staan met de tekst “Stop met roken”.  Mijn vader stierf aan longkanker. 

Eerst moest ik nog een beetje moest lachen toen ik het bericht van de ontsnapte chimpansees langs zag komen op twitter. Toen Teun en Pien klein waren hadden we een abonnement op het DierenPark en steevast gingen we even bij het apenverblijf langs. Ik zag de ontsnapping al helemaal voor me;  apen die door het park renden en over hekken sprongen. Natuurlijk dacht ik ook even aan die keer dat Bokito zorgde voor een ramp in Diergaarde Blijdorp, maar dat was een gorilla, hier ging het om leuke chimpansees.

Maar dat zag ik verkeerd, zo bleek later. Twee van de ontsnapte chimpansees waren een gevaar voor zowel bezoekers als medewerkers en moesten worden doodgeschoten. Verdoven met een pijltje was geen optie. Toen ik deze week een filmpje zag van iemand die ooit aangevallen was door een chimpansee begreep ik het nog beter.

Triest dat het is misgegaan. Dat juist de chimpansee met de langste geschiedenis doodgeschoten moest worden. Mike, de lievelingsaap van Marjo Hoedemaker. Ook de andere dierenverzorgers hadden een band met de chimpansees en doodschieten was wel het laatste wat ze wilden. Maar ze hadden geen andere optie. 

Overigens was niet iedereen daarvan overtuigd. Op twitter waren er ineens veel dierendeskundigen die wisten te vertellen waarom een spuitje voldoende was geweest of die vonden dat de dierentuin definitief dicht moest. Natuurlijk kun je je vraagtekens zetten bij het opsluiten van dieren en die discussie mag ook best gevoerd worden, maar nu even niet. Eerst is er tijd nodig om te rouwen. 

Wij doen het samen op afstand

Even een frisse neus halen na een dag binnen zitten. Het is donker en het regent lichtjes. Ik loop over de Bloemendalsestraat richting het centrum van Amersfoort. Terwijl ik langs “Voor Iedereen” loop werp ik een blik naar binnen. Het is vrij donker in het restaurant. Achter in de zaak zit iemand achter haar laptop. Zou ze de bestellingen aan het bekijken zijn voor de maaltijden die afgehaald  kunnen worden? Of is ze misschien op zoek naar een nieuwe baan? Wanneer ik even later over de Hof loop vliegt de stilte me aan.  Alle terrasstoelen en tafels zijn opgeruimd. De lichten in de cafés zijn uit. 

Eerder die dag kreeg ik een app van Coen, mijn buurman die het KAdECafé runt. Met zijn ‘Take Away’ probeert hij te redden wat er te redden valt. Naast soep, een maaltijd of een Halewijntje kun je ook een vrijdagmiddagborrelbox bestellen, zo liet hij weten. En terwijl ik door de stad loop zie ik bij bijna alle restaurants informatie over het afhalen van maaltijden.  

Ik maak een diepe buiging voor al die horeca-mensen die toch nog de moed vinden om door te gaan. Die zich wild moeten hebben geschrokken toen Rutte in een bijzinnetje vertelde dat de maatregelen nog wel tot in december zouden duren maar die nog steeds kansen zien.

Op de terugweg zie ik bij Van Zanten een poster met de tekst; Wij jullie ook. Ja, wat een gemis. De medewerkers van dit café koken samen met collega’s van andere restaurants maaltijden voor zorginstelling De Amerpoort. Dit alles onder het motto #zorgenvoordezorg.  Wat een kanjers!

Verderop zit pizzabakker Luca  in zijn eentje in de zaak. Hij kijkt naar een voetbalwedstrijd. Normaal gesproken zit het hier vol om deze tijd. Het beeld ontroert mij. De horeca in onze stad gaat het niet redden zonder de steun van de Amersfoorters. Laten we net wat vaker eten halen bij al die creatieve horecaondernemers. Want het is zoals op een van de posters bij een restaurant staat: Wij doen het samen op afstand. Toch? 

Met je kop boven het maaiveld

Ik schrik van mijn eigen gedachte. Ik zie de Amersfoortse docent Rob Molenkamp op het journaal vertellen dat hij gewoon doorgaat met zijn lessen maatschappijleer en ik denk; die durft!  Ga je echt gewoon door na zo’n vreselijke moord in Frankrijk op docent Samuel Paty? Rob Molenkamp zegt van wel. Sterker nog: hij durft zich voor heel Nederland uit te spreken en vertelt zelfs dat ook in zijn lessen cartoons gebruikt worden of een film als Fitna. Dat ik hem zie als iemand die zijn kop boven het maaiveld uitsteekt vind ik ergens ook wel eng.

Nu denk ik wel dat Rob het voordeel heeft dat hij op het Vathorst College werkt, een overwegend witte school. Het lijkt me moeilijker om zo’n les te geven op een ROC-opleiding waar een groot deel van de leerlingen bestaat uit jongeren met een Islamitische achtergrond. Of zie ik dat verkeerd? Feit is dat Rob en ook andere docenten gewoon doorgaan in een tijd waarin mensen steeds kortere lontjes lijken te hebben, de toon grimmiger wordt en geweld normaler lijkt te worden. 

Eigenlijk vind ik het niet eerlijk dat we docenten maatschappijleer de kastanjes uit het vuur laten halen. Het is toch ook onze eigen verantwoordelijkheid om vrijheid van meningsuiting uit te dragen? Het onderwerp zou toch verweven moeten zijn in onze hele maatschappij? 

In Frankrijk gaan leerlingen op 2 november weer naar school en zal er op alle scholen stilgestaan worden bij de vreselijke moord op Samuel Paty. Het zou mooi zijn wanneer die dag ook in Nederland de vrijheid van meningsuiting centraal staat. Niet alleen tijdens maatschappijleer op middelbare scholen, maar ook in kerken en moskeeën, binnen je vriendenkring,  tijdens de gemeenteraad,  in talkshows en vooral ook aan onze eigen keukentafels. Respectvol met elkaar discussiëren en openstaan voor de mening van anderen, ook als dat jouw mening niet is. Maar wel met een belangrijk uitgangspunt: zonder geweld. Want geweld is en mag nooit de oplossing zijn.

Toeterende auto’s en parkeerchaos

,,Mevrouw, gaat u de politie bellen?’’ Twee jonge vrouwen kijken me hoopvol aan. ,,Dat was ik  niet van plan”, antwoord ik. Het is zaterdagmiddag en ik ben op weg naar de slager op het Neptunusplein. Ik had mijn mobiel gepakt omdat ik een berichtje kreeg van mijn man, of ik ook nog wat gehakt mee wilde nemen. Een van de dames vervolgt; ,,sinds Omur twee weken geleden open ging kunnen we nergens meer parkeren. Wij wonen hier om de hoek en het is echt niet meer grappig.”

Ik begrijp het meteen. Normaal is het ook druk op het Neptunusplein, maar dit slaat werkelijk alles. Het is een komen en gaan van auto’s. Het is één grote chaos.  Op de plek waar de vrachtwagens kunnen laden en lossen staan nu kris-kras drie auto’s met hun klep open, wachtend op mensen die met dozen vol de winkel uit komen. Anderen lopen met wel zeven plastic tassen naar hun auto toe. Waren die gratis tasjes niet al een paar jaar geleden verboden? Er wordt getoeterd en op de stoep van de winkel gaan zes mannen bijna met elkaar op de vuist. De sfeer is gewoon grimmig. 

De nieuwe supermarkt trekt veel klanten, dat is duidelijk.  Eerst zat deze winkel op de Kamp, daar was het ook al chaos wat het parkeren betrof. Je zou verwachten dat die problemen wel verdwijnen bij een winkel waar nota bene een parkeergarage onder zit! En waar ook een lift naar toe gaat. Maar ergens gaat er iets mis. Is een parkeergarage opzoeken te veel moeite? Doet de lift het niet? 

Op papier leek het Neptunusplein een prima plek maar in de praktijk valt het tegen. Ik hoop dat er snel een oplossing komt. Vooral voor de mensen die op en om het plein wonen. Misschien dat de eigenaar meer reclame kan maken voor de parkeergarage onder de winkel. Ook zou het handig zijn om de stoep af te zetten zodat niemand daar kan parkeren.  Niet allemaal op zaterdagmiddag met de auto naar de winkel komen zou ook al helpen. Samen krijgen we het parkeerprobleem op het Neptunusplein er wel onder. Toch?

Het was maar een griepje…

Mijn gedachten schoten alle kanten op; wie had ik de afgelopen dagen gezien en hoe kwam het dat ik ziek geworden was? Ik had toch steeds mijn handen gewassen, niemand geknuffeld en afstand gehouden? Ik kwam er maar niet achter. Maar ondertussen lag ik wel in bed met spierpijn, keelpijn en lichte koorts. Dat laatste wist ik omdat ik de oor thermometer naast me had liggen en dat ding, als een soort hypochonder, om het uur in mijn oor stak.

Het begon met lichte keelpijn maar al snel voelde mijn keel aan als grof schuurpapier. Ik voelde me per minuut zieker worden. Bellen dus naar de GGD om me zo snel mogelijk te laten testen. Gelukkig kon ik er bij de tweede poging al doorkomen, maar een afspraak op korte termijn zat er niet in; pas vier dagen later kon ik terecht bij de teststraat bij de Rijtuigenloods in Amersfoort. Hoewel ik de vorige keer overtuigd was dat ik geen corona had, begon ik nu toch echt wel te twijfelen. Het aantal positief geteste Amersfoorters schoot immers omhoog en misschien was ik daar wel een van! 

Terwijl ik op de website van het RIVM las hoe het zat met regels voor gezinsleden en ik mij afvroeg hoe we in godsnaam anderhalve meter afstand konden houden in ons huis, stond dochter Pien met tranen in haar ogen naast mijn bed. ,,Ik moet in quarantaine omdat iemand van circus positief getest is.”  Doordat iemand anders corona had miste zij een training, mocht niet naar school en moest ze haar baantje bij de supermarkt ook afzeggen. En ze voelde zich gewoon goed! Ook mijn man twijfelde of hij wel mocht gaan werken. Pas toen mijn uitslag negatief was wist hij dat hij weer aan de slag kon. Kortom, ons hele gezin was even flink ontregeld.

Ik voel me gelukkig weer goed en zal er de komende tijd alles aan doen om de kans op verkoudheid, griep of corona zo klein mogelijk te houden. Maar gezien mijn ervaring ben ik bang dat we dit de komende maanden nog wel vaker mee zullen maken. Het wordt een lange winter.

Een warm en intiem afscheid

,,Zo’n mooie foto wil ik dan ook wel.’’ Mijn 85-jarige moeder zit naast me en kijkt naar de foto van haar schoonzusje, mijn tante Len. Achter de foto staat de kist met daarop prachtige bloemen. Paars, oranje, groen. Ik vertel mijn moeder zachtjes dat ik al een hele mooie foto van haar heb, maar dat ik binnenkort nog wel eentje wil maken. Dan worden we stil, de uitvaart begint.

Na drie diensten via livestream maak ik nu eentje fysiek mee. Ik had geluk dat ik erbij mocht zijn, want door corona kon maar een beperkt aantal mensen worden uitgenodigd. Wat moet dat enorm moeilijk zijn geweest voor mijn neven en nicht. Wie nodig je uit en wie niet? Gelukkig worden de afscheidsdiensten nu bijna altijd gefilmd en kun je vanuit huis meekijken. Dat is toch echt wel een mooie ontwikkeling die wat mij betreft mag blijven. 

Maar bij deze uitvaart mocht ik aanwezig zijn en ik werd blij verrast. Wat een bijzondere sfeer hing er. We zaten met twee, drie of vier mensen naast elkaar en tussen elk groepje stond een tafeltje met een kaars en een bloemetje. Op sommige tafeltjes stonden foto’s van mijn tante. Heel huiselijk, intiem en troostend. Door de opstelling van de stoelen konden we een groot deel van de mensen aankijken en dat was fijn. Normaal zit je tegen ruggen aan te kijken. De toespraken waren indrukwekkend en kwamen nog meer binnen door de nabijheid van de sprekers. Ik zag het verdriet in de ogen van mijn neef, de tranen bij mijn nicht. 

Na de mooie woorden, foto’s en filmpjes bleven we in dezelfde ruimte en dronken we een glaasje wijn. De kist met mijn tante Len stond gewoon tussen ons in. Toen het tijd was om echt afscheid te nemen vormden we een erehaag. Terwijl de rouwauto langs reed zei mijn moeder; ,,zo wil ik het ook, zo mooi klein en intiem.” Ik kon alleen maar denken, ‘laat het dan wel na de crisis zijn’. Want hoe mooi de uitvaart ook was, vooral het niet mogen knuffelen van mijn neven en nicht was een groot gemis.

Met de handrem erop!

Het voelt momenteel alsof ik leef met de handrem er op. Bij alles wat ik plan vraag ik me af of het wel door kan gaan. Afspreken doe ik het liefst op korte termijn, want je weet niet hoe het gaat lopen met het corona-virus hijgend in je nek. 

Afgelopen weekend zijn we met het  gezin naar mijn moeder in Friesland gegaan. Uitstellen leek me niet handig.  Dat was maar goed ook want maandag werd Pien snotterig. Dat gebeurt bijna altijd als haar stage op de basisschool weer begint. Het duurde drie dagen voordat ze de test kon doen en ze wacht nu nog op de uitslag. Pien is alweer een week thuis. Geen stage of school, geen bijbaantje en geen bezoek aan oma’s. Je zou er toch chagrijnig van worden! En dan is de herfst nog niet eens echt begonnen!

Ik verwacht geen corona bij mijn dochter, maar het aantal besmettingen ligt best hoog in onze stad dus nemen we het zekere voor het onzekere. Hoewel Amersfoort nog niet behoort tot de steden waar het gierend uit de hand loopt, ben ik toch nieuwsgierig naar de persconferentie vanavond. Welke maatregelen komen er aan en gelden die dan ook voor Amersfoort?

Gaan alle activiteiten de komende tijd nog wel door? Morgen WorldCleanUpDay, zondag de Obstaclerun, volgende week Burendag en het Zomerwijkfeest in Zielhorst. De organisatoren zullen vast ook met pijn in hun buik de persconferentie afwachten. 

Misschien denkt een grote groep mensen dat het allemaal wel niet zo’n vaart zal lopen. Er zijn toch weinig ziekenhuisopnames?  Maar dan doen we hetzelfde als begin maart. Wat hebben we gegrinnikt toen Rutte toch een hand gaf aan Jaap van Dissel van het RIVM. Het lachen is ons toen al vrij snel vergaan. 

We zullen de komende tijd nog moeten dealen met teleurstellingen. Accepteren dat we geen gas kunnen geven, maar pas op de plaats moeten maken.  Ik kijk echt uit naar het moment waarop de handrem er weer af kan en we weer volledig en vol energie vooruit kunnen. Zonder voorbehoud. Klote-corona!

Scheiden doet leiden…

Afgelopen weken stonden ze al op de stoep. Grote ondergrondse containers waar we binnenkort ons restafval in kunnen gooien. Wij vinden het wel fijn. Nu fietsen we zo’n drie keer per week met een zak PMD-afval naar de container die een paar straten verder staat, straks kunnen we ons restafval kwijt aan het einde van de straat. 

Het is inmiddels een sport geworden bij ons thuis. We scheiden wat we scheiden kunnen. Glas en papier apart inzamelen doen we al een eeuwigheid, maar het plastic scheiden doen we sinds een paar jaar. We verbazen ons nog steeds over de grote hoeveel  verpakkingsmateriaal, blikjes en melkpakken die in de PMD-vuilnisbak verdwijnt.  Omdat we ons GFT-afval ook apart inzamelen blijft er weinig restafval over. Het was in het begin wel even zoeken, maar inmiddels weten we dat chips zakken bij het restafval moeten en dat theelichtcupjes  bij het PMD-afval kunnen. Een kleine herhalingsles over wat waar in moet zou wel handig zijn.

Amersfoort begint met het ‘omgekeerd inzamelen’  terwijl Utrecht en Amsterdam er alweer mee gestopt zijn. Is dit weer zo’n project waarbij de gemeente toch doorgaat ondanks het voortschrijdende inzicht? Bij nader inzien sta ik er volkomen achter. Want moet je altijd de weg van de minste weerstand volgen? Willen we weer terug naar vroeger waar we alles bij elkaar smeten? We kunnen ook extra energie steken in het goed scheiden van het afval. Het achteraf scheiden is volgens mij alleen goedkoper wanneer er vooraf niet goed gescheiden wordt.  En gaat het alleen over geld? Bewustwording en eigen verantwoordelijkheid vind ik misschien wel belangrijker.  We mogen er best wat moeite voor moeten doen. 

Amersfoort is geen Utrecht of Amsterdam. Misschien kunnen we ons een keer op een positieve manier onderscheiden van de andere steden en er samen voor gaan. De leiding nemen. Voorop lopen wat afvalverwerking betreft en de stad worden met de meeste scheidingen. Scheelt een hoop restafval! 

Van Wij Amersfoort naar ieder voor zich…

Zal ik nog naar de markt voor een bos bloemen? Die vraag heb ik me de afgelopen maanden meerdere keren gesteld. Eerst wist ik niet waar de bloemenkramen stonden en nu ik weet dat ze op het Havik staan blijkt een ritje naar die locatie niet in mijn systeem te zitten. Wij, van de bloemenkramen merken het ook. ,,Vroeger was de bloemenmarkt op het Havik een begrip maar nu lijkt het erop alsof veel mensen ons niet meer weten te vinden. Onze omzet gaat niet zo lekker op de zaterdag.” De bloemenkramen waren verplaatst om de 1,5 meter te kunnen garanderen op de Hof. 

De cafés op de Hof mochten als compensatie voor de 1,5 metermaatregel hun terrassen uitbreiden. Naast het verplaatsen van de bloemenkramen op zaterdag werd ook de hele vrijdagmarkt verplaatst. Die moest naar het Eemplein en de Koppel. En wat denk je? Ook Wij, van de vrijdagmarkt merken dat de Amersfoorters de weg naar hun kraam niet kennen. Ze willen weer terug naar de Hof. Daar blijft het niet bij want sinds de vrijdagmarkt verplaatst is zien ook Wij, van de samenwerkende ondernemers Krommestraat  hun omzet dalen. 

Of de verschillende belangen te overbruggen zijn is nog maar de vraag. Want waar de marktkooplieden terug willen naar de Hof willen de ondernemers rond de Hof juist dat ze ruimte blijven houden voor hun terrassen. Sterker nog Wij, de Vereniging Horeca Hof heeft grote plannen voor de winter. Ze willen het liefst grote terras-overspanningen met warmtelampen en daar passen markten niet bij. Zij hopen dat de tijdelijke marktverplaatsing permanent wordt.

Veel partijen, veel belangen, veel ontevredenheid. Ik heb het idee dat Wij Amersfoort, voor iedereen niet meer bestaat. Het is ieder voor zich geworden. Wij, burgemeester Lucas Bolsius zal binnenkort knopen moeten doorhakken. Ik heb nog een tip. Bolsius kent de standpunten van de ondernemers, maar misschien kan hij ook onderzoeken wat Wij, burgers van Amersfoort er eigenlijk van vinden. 

Draken verslaan

IMG_8240Mijn overbuurman stond een paar jaar geleden voor onze deur. Ik zie nog zijn bleke gezicht voor me. ,,Nienke”, zei hij ,, Ik ben me rot geschrokken, Teun zat net op het dak.” Ik keek hem verbaasd aan. ,,Hij klom zomaar uit het dakraam” vervolgde mijn buurman ,, en zat op de nok met een zwaard te zwaaien.” Even was ik sprakeloos. Zoon Teun was destijds een jaar of tien en had inderdaad een houten zwaard waarmee hij onzichtbare draken versloeg. Maar dat hij dat deed vanaf de nok van ons dak daarvan daarvan was ik niet op de hoogte.

Ik moest er aan denken toen ik woensdag op Twitter een filmpje zag van een man op een dak van een appartementencomplex in de Koppel. Op het filmpje was te zien dat de man soepel stond te dansen, maar hij had ook al stenen naar beneden gegooid. Ik hoorde gelach. De omstanders vonden het kennelijk grappig. De reacties op het filmpje op Twitter waren hard. Iemand vroeg zich af of er geen scherpschutter in de buurt was. ‘eraf schieten, klaar’ schreef hij. Zou hij dat ook echt menen?

De man op het dak trok een paar uur lang de aandacht. Omwonenden werden zonder het te willen geconfronteerd met de capriolen van de man, maar er waren ook mensen die speciaal langs kwamen en bleven kijken. Ergens misschien wel hopend dat de man zou springen. Dat werd in ieder geval geopperd in een van de filmpjes die ik via social media zag

Het lijntje tussen gezond zijn en in psychische problemen komen is heel erg dun. Een paar flinke tegenslagen in je leven en je kunt depressief raken. Een trauma opdoen en je kan angststoornissen krijgen. Het kan iedereen overkomen. En dan kun je lachen om zo’n ‘gekkie’, maar het is wel iemands zoon. Het kan zomaar je eigen broer zijn die daar op het dak staat, of je beste vriend. Dan is dit echt geen grap meer. Ik mag hopen dat deze man goede hulp krijgt en dat hij in alle rust aan zijn problemen kan werken. Dat hij, zonder dat er mensen meekijken, zijn eigen draken kan verslaan.