Vilsteren

IMG_8281Een ijsvogeltje! Ik zit bij het vennetje bij de camping Landgoed Vilsteren en zie voor het eerst van mijn leven een ijsvogeltje. Ik kan het bijna niet geloven, maar het is echt waar. Blauwgroene vleugels en een rode buik. Wat een bijzondere ervaring. Ook omdat ik een paar minuten daarvoor twee reeën zag grazen op het weggetje vlak bij het meertje.

Ik zit op een omgevallen boomstam en voel me melancholisch. Landgoed Vilsteren is zo verbonden met mijn jeugd. Terwijl ik over het water kijk bedenk ik mij dat ik mijn vader mis. Hij hield zo van deze plek. Ik heb wat afgespeeld op het strandje waar ik nu naar kijk. Vroeger dacht ik trouwens dat het een enorm groot meer was. Toen ik er als jongvolwassene weer kwam geloofde ik niet dat het om zo’n klein vennetje ging. Grappig hoe mijn beeld is veranderd.

We zitten hier een paar dagen en inmiddels ken ik alle paadjes weer. Ik herken de boerderij waar we vroeger met “de Lotjes” en hun hond Arko verse melk gingen halen. Ik klim weer naar het hoogste punt van het donkere bos om vandaar van het uitzicht te genieten en loop langs de boom waar we als kinderen dode kikkers en muisjes begroeven.

Sommige herinneringen zijn vaag. Klopt het bijvoorbeeld dat er een friettent stond bij het meertje? Ik kan het me nu nauwelijks voorstellen. En heb ik een keer op de herdershond van tante Door en oom Wim gezeten?  Was het inderdaad een donkerblauw kinderbedje waar ik als kleuter in lag te slapen? Klopt het dat we eens een soort hindernisbaan hebben gemaakt voor muizen die we daarvoor vingen in de melkflessen?

Wat ik wel zeker weet is dat we met een gele bus van mijn vaders werk naar de camping gingen. Met een soort ‘plastic’ bekleding die bij mooi weer plakte aan je benen en rondjes achterliet op mijn huid. En wanneer we ‘het kasteel’ bij Dalfsen zagen wisten we dat we er bijna waren. Verwachtingsvol, van wat de vakantie ons zou brengen.

Wanneer we ’s avonds even een ommetje willen maken loop ik met Puck naar de plek waar vroeger onze ‘Paradiso’ stond. ,,Kijk, hier stond de vouwwagen ongeveer en dan liepen we vanaf hier over een bruggetje richting het meertje”, vertel ik Puck. Even later vinden we het paadje naar het bruggetje en lopen door totdat we de boom zien die mij als kind de weg naar het water wees. Het is bijzonder om hier nu zelf met mijn dochter te lopen.

Eerder deze week zegt Puck: ,,Mam, ik zag denk ik een slang. Maar het kan ook zo’n speelgoedding zijn voor kinderen”. We lopen samen naar de andere kant van het paadje en ik kijk eens goed. Ja hoor, daar ligt een slang opgerold in het zonnetje. Hij is donkergroen en vrij glad. De boswachter komt even later en vertelt ons dat het een ringslang was.

’s Avonds zitten we voor de vouwwagen en horen uilen in de verte. Ook zag ik voor het eerst een specht vlakbij in een boom hakken en wekte een eekhoorntje mij op een ochtend. Ik kon hem zo zien zitten vanuit mijn bed. Dan heb ik het nog niet eens gehad over het sprookjesbos, de bijzondere vlinders, het salamandertje en de kikkertjes die we zagen. En mijn vader die ik voelde….heel dichtbij.

IMG_8380

 

 

Advertenties

Vintage

Het is druk in de winkel. Rekken vol kleding, op kleur gesorteerd. Op een tafel kaarsen en wat andere artikelen die in een interieurwinkel niet zouden misstaan. Ik loop meteen op het rek af met de spijkerspullen. Even checken of er ook een leuk spijkerjack tussen hangt. Ik zie een jasje en pak hem van het rek. Maatje S. Helaas…. Ik hang het terug. Verderop zie ik een rokje dat misschien wel leuk is voor Pien. Ik pak het, maar zie meteen dat het niks is voor mijn dochter.

Terwijl ik het rokje terug hang kijk ik om mij heen. Wat grappig. Het publiek is heel divers. Net stonden er twee hippe vrouwen met hun tieners te kijken tussen de kleding, en nu zie ik een wat oudere vrouw een shawl pakken en omhangen. Ze kijkt in de spiegel, eerst naar zichzelf, maar even later kruisen onze blikken elkaar. Ik knik goedkeurend.

Deze winkel ‘Lefft Vintage’, aan de Riddergang bij het Sint Jorisplein is een paar dagen per week geopend en wordt volgens mij gerund door MBO-studenten. Het is niet het enige tweedehandswinkeltje in Amersfoort.  Ook op de Leusderweg, de Euroweg en op andere locaties zijn tweedehandswinkels te vinden. Sommigen met alleen kleding, anderen met meubels of een mix daarvan. De VVV van Amersfoort heeft op haar website een hele tour langs deze Tweedehands en Vintage winkeltjes geplaatst. Leuk voor een regenachtige vakantiedag!

Even later loop ik langs het rek vol lichtgekleurde kleding. Een witte blouse, die ontbreekt nog in mijn kast. Ik haal hem uit het rek en zie dat hij 7 euro kost. Dat is een mooi prijsje, bedenk ik me. In de kleedkamer probeer ik hem en ik zie dat het hij prima valt. Verkocht!

Ik loop naar de kassa waar een enthousiaste jonge vrouw de blouse van mij overneemt. ,,Deze maar doen?”  Ze doet er een vloeipapier omheen en ik stop hem in mijn tas. Ik vind het wel gaaf. Mooie spullen voor weinig geld. Tweedehandskleding kopen is nog duurzaam ook. Waar vroeger mensen nog wel eens hun neus ophaalden voor tweedehandskleding lijkt het nu ineens wel te kunnen. Noem het Vintage en er komen ineens ook hele hippe moeders in je winkel. Een win-winsituatie!

IMG_7389

BAROLOSOLO

21Mijn kopje koffie staat naast mijn laptop. Er komt een mailtje binnen van het Amersfoorts Theater Terras. Ik open de mail en klik op ‘draaiboek Barolosolo, 13 juli 2019’. Sinds deze zomer heb ik mij aangesloten bij de groep vrijwilligers die zorgt dat de locatievoorstellingen soepel verlopen en in het draaiboek staat wat mijn taak zal zijn. Ik zoek naar mijn naam zodat ik weet wat ik moet doen morgen. Barolosolo is de tweede theatervoorstelling die Theater Terras deze zomer organiseert.

De vorige voorstelling door het gezelschap BigBinôme, was te zien in de speeltuin aan de Pullstraat in de wijk Kruiskamp. Een thuiswedstrijd voor mij. Ik heb daar samen met andere vrijwilligers bankjes uitgeklapt, mensen ontvangen die per fiets aankwamen en hen de weg gewezen, geld ingezameld na afloop van de voorstelling en tenslotte ook weer geholpen met het opruimen van alles. Eigenlijk stond ik versteld wat er allemaal bij zo’n locatievoorstelling komt kijken. Denk maar eens aan het opvangen van de artiesten, het opbouwen van de speelvloer, het regelen van de techniek, de organisatie van de mobiele bar, het verzorgen van het eten voor vrijwilligers en artiesten, de publiciteit en de coördinatie van dit alles. Voor de voorstelling van morgen is zelfs de medewerking van de brandweer nodig, want bij de voorstelling in het Park van de Tijden in Vathorst moet ook een bassin worden gevuld met water.

Inmiddels heb ik in het draaiboek mijn naam gevonden. Wat zal het deze keer worden? Ik pak mijn koffie erbij en lees; ‘Strijken kostuums artiesten’. Ik verslik me. Dat had ik even niet zien aankomen. Ik kan best strijken, maar meestal is het meneer Enzofoort die deze taak op zich neemt en hij is daar handiger in dan ik. Ik ga op internet op zoek naar informatie over het gezelschap en lees: ‘Een zwembad vol water, een klimrek en twee ingenieuze muzikanten. De een voelt zich als een vis in het water en plonst er met bombarie in rond. De ander heeft watervrees en doet werkelijk álles om droge voeten te houden.’ Leuke tekst, maar mij gaat het vooral om de foto’s. Ik bestudeer ze nauwkeurig. De broeken en overhemden lijken me geen probleem. Maar die jasjes. Of me dat gaat lukken?

Respect

IMG_7729

Ik heb zo eindeloos veel respect voor doorzetters. Mensen die doorgaan waar anderen al lang af zouden haken. Mensen die na elke tegenslag weer opstaan en verdergaan. Het is een eigenschap die ik graag wat meer zou willen hebben. Als mij iets niet lukt dan heb ik de neiging om mijn hoofd te laten hangen.

Iemand die met opgeheven hoofd verder gaat ondanks tegenslag is parkinsonpatiënt en stadgenoot Erik de Waal. Hij loopt van Amersfoort naar Santiago de Compostella en wil met deze monstertocht geld inzamelen. Geld dat gebruikt gaat worden voor het eerder diagnosticeren van Parkinson, want Erik weet als geen ander dat juist de onzekere periode voor de diagnose zwaar is.

Ruim drie jaar geleden kreeg hij die diagnose. Hij moest stoppen met werken en dat zorgde er voor dat hij tijd kreeg om de pelgrimstocht eindelijk te gaan lopen, want het was altijd al een droom geweest. Wrang idee eigenlijk; wanneer Erik geen Parkinson zou hebben gekregen zou hij zijn droom misschien nooit hebben waargemaakt. Hij zei na de diagnose; ,,als ik thuis stil blijf zitten, word ik pas echt ziek.” Om dat te voorkomen besloot hij die ruim vijfentwintighonderd kilometer echt te gaan wandelen.

Half juni is Erik vertrokken, maar afgelopen week kwam hij even terug naar Amersfoort omdat hij pijn had en naar de fysiotherapeut wilde. De geplande etappes bleken te lang, zijn rugzak te zwaar en de temperatuur te hoog. Door alle tegenslagen heeft hij de eerste twee weken sommige stukken met de bus gedaan en heeft hij dus een stuk van het traject overgeslagen. Je zou dan kunnen denken; mijn tocht is mislukt, ik heb niet de hele route gelopen, dus ik stop er maar mee. Maar nee, Erik wandelt door, hij wil de eindstreep halen.

Ik heb diepe, diepe bewondering voor hem. Ik hoop dat het hem niet alleen heel veel geld voor het diagnosticeren van Parkinson oplevert, maar ook veel geluk. En dan niet alleen op het moment dat hij het eindpunt bereikt, maar gewoon tijdens al die kilometers die hij dag in dag uit aflegt. Zoals de Dalai Lama ooit al zei: Er is geen weg naar geluk, geluk is de weg. En zo is het.

Afkoelen

IMG_4324,,Heb jij er iets van gemerkt in het zwembad?” Ik kijk naar dochter Pien die net haar badlaken van de waslijn haalt. Pien kijkt me verbaasd aan. ,,Wat bedoel je?” ,,Er was een flinke vechtpartij in het Bosbad” antwoord ik. Pien schudt haar hoofd. ,,Nee, het was wel heel erg druk want er kon op een gegeven moment bijna niemand meer bij. Ook werd er steeds omgeroepen dat je moest oppassen op je spullen, maar verder heb ik niets gemerkt.” We lopen samen naar binnen. ,,En klierige jongens?”, vraag ik terwijl ze haar handdoek op tafel legt en naar de keuken loopt. ,,Klierige jongens heb je altijd”, antwoordt ze. Ja, dat is waar. Ik denk aan de keren dat ik zelf als tiener in het zwembad lag. Jongens van een jaar of veertien die zichzelf heel stoer vonden. Ze praatten net iets te hard, renden te dicht langs je badlaken en sprongen te dicht bij je in het water. Toen vond ik het irritant, nu denk ik; hormonen.

,,Er waren trouwens wel twee beveiligers en dat waren best indrukwekkende mannen. Daar wil je geen ruzie mee krijgen”, grinnikt Pien terwijl ze in de vriezer naar een ijsje zoekt. Zij had dus niets gemerkt, waarschijnlijk was ze net op tijd weg. Maar het zal je maar gebeuren. Geniet je van de zon, de warmte en het koele water, beland je zomaar middenin een vechtpartij. En niet zo’n kleintje ook. Wat is er gebeurd waardoor de vlam in de pan sloeg? Hadden de dames in kwestie al ruzie voordat ze het zwembad binnen kwamen? En waarom werd het zo’n massale vechtpartij? Waarom sprongen ze niet meteen in het water om af te koelen maar gingen ze meppen?

Ik vind het echt verschrikkelijk dat er beveiliging nodig is in een zwembad, op een plek waar het juist gezellig en ontspannen hoort te zijn. Dat er deze week zelfs politie aan te pas moest komen is al helemaal idioot. Wat mij betreft krijgen alle onruststokers een bosbadverbod. Maar hoe herken je ze bij de kassa? Ik heb wel een idee. Alle irritante badgasten krijgen bij scheldpartijen of opstootjes de tekst “doeslief” op hun voorhoofd geschreven. Met watervaste stift. Blijft lekker lang zitten.

Bubbels

IMG_3228Het zal je maar gebeuren. Je bent twaalf jaar en gaat samen met een vriendinnetje zwemmen in de Octupus in Leusden. In het bubbelbad komen twee grote jongens en die betasten je en houden je vast. Je vertelt het de badmeester, die licht de politie in en meer dan een jaar later hoor je van de rechter dat de jongens vrij worden gesproken omdat er geen sluitend bewijs is. Door de bubbels waren er geen getuigen. Als het Pien was overkomen en ik een jaar later zou horen dat de jongens niet veroordeeld werden zou ik mij enorm machteloos, boos en verdrietig voelen. Slapeloze nachten zou ik ervan hebben.

Stel je bent een van de jongens en je vergrijpt je aan deze jonge meisjes. Zou je je dan schuldig voelen? Bang zijn voor de consequenties? Of voel je je onschendbaar omdat je weet dat er toch niets te bewijzen valt? En hoe zit het met de badmeester? Die liep rond in zo’n vreselijk lawaaiige omgeving en keek of er niemand verdronk, maar ondertussen had hij niet door wat er in het bubbelbad gebeurde. Zou hij slecht slapen ’s nachts? En checkt hij voortaan het bubbelbad extra om nog zo’n drama te voorkomen?

En dan de rechter, hoe staat zij erin? Misschien voelt zij wel aan dat de meisjes de waarheid spreken maar kan ze door het ontbreken van bewijs de jongens niet veroordelen. Zou ze haar werk dan nog steeds leuk vinden of ligt ze ’s nachts te piekeren en de zaak te overdenken?

Stel dat een agent bij mij voor de deur had gestaan met zoon Teun, omdat Teun werd verdacht van aanranding in het bubbelbad in Leusden. En stel je voor dat Teun het echt niet gedaan zou hebben maar dat de meisjes aandacht zochten of hem een hak wilden zetten.  Dan zou ik mij enorm machteloos, boos en verdrietig voelen. Slapeloze nachten hebben.

Het is een ingewikkelde zaak. En de enigen die echt uitsluitsel kunnen geven zijn de jongeren die gelogen hebben. Maar zijn dat de jongens die de meisjes daadwerkelijk hebben aangerand of de meisjes die hun verhaal hebben verzonnen? Zolang niet iedereen de waarheid vertelt valt er niets te bewijzen. Het zal je maar gebeuren. Klotebubbels.

Geslagen!

IMG_7758 ,,Ben je geslagen?” Ons vijfjarige buurjongetje staat beneden in de straat en kijkt naar boven. Daar hangt mijn dochter net uit het raam om de vlag met haar schooltas in de vlaggenstokhouder te stoppen. ,,Ja, ik ben geslaagd”, antwoordt Pien blij. De vlag wappert en Pien straalt. Het buurjongetje pakt een groot stuk stoepkrijt en tekent slingers op de stoep voor ons huis.

Eigenlijk is het een raar iets, examen doen. Je werkt een paar jaar aan het leren van zaken die je normaal snel even opzoekt via google. Hoewel samenwerken enorm belangrijk is in het leven, zit je tijdens de examens aan aparte tafels en is overleggen juist uit den boze. En waar je in het gewone leven jezelf voortdurend kunt verbeteren, moet je juist tijdens het examen pieken. Eigenlijk is het schoolsysteem en de manier waarop je capaciteiten beoordeeld worden hopeloos ouderwets.

Bij biologie leer je hoe de bloedsomloop werkt, maar belangrijker is of je je hart op de goede plek hebt zitten. En leuk hoor, dat je bij wiskunde op allerlei manieren leert rekenen maar volgens mij is het juist belangrijk dat je op je vrienden kunt rekenen. Terwijl je bij natuurkunde van alles leert over wrijvingskracht, zwaartekracht en middelpuntvliedende krachten heb je in het normale leven vooral veel aan je veerkracht.

Ik had me dat allemaal niet zo gerealiseerd tot afgelopen woensdag. Toen we zaten te wachten op dat verlossende telefoontje van de mentor keek ik ineens op een hele andere manier naar mijn dochter en zag hoeveel ze is gegroeid. Zaken als doorzettingsvermogen worden niet direct gemeten. Hoe sociaal je bent staat niet op het diploma. Of je steeds opstaat, nadat je bent gevallen, dat lees je niet terug in de cijferlijst. Allemaal zaken waarin mijn dochter juist uitblinkt.

,,Ben je geslagen?” vroeg mijn buurjongetje. Voor mij is mijn dochter meer dan geslaagd. Al die vaardigheden die ze de afgelopen jaren geheel of gedeeltelijk onder de knie gekregen heeft zijn belangrijker dan de mooie cijfers die straks op haar diploma staan. Dat telefoontje van de mentor was voor mij vooral een wake-up-call. Een telefoontje waardoor ik mij realiseer dat mijn dochter op weg is een mooi mens te worden. En ja, dààr ben ik trots op!IMG_0332