Geen Taboes

IMG_9711Oeps. Het gaat niet zo lekker in Amersfoort. De Amersfoortse meerjarenbegroting is gepresenteerd en financieel wethouder Willem-Jan Stegeman had niet zulk goed nieuws. Er is namelijk de komende drie jaar zo’n 17 miljoen euro tekort op de begroting.De wethouder vindt dat er geen taboes moeten zijn in de gesprekken over de nieuwe bezuinigingen. Een man naar mijn hart. Er moeten ‘scherpe en gedurfde keuzes’ worden gemaakt!

Nou. Dat hoef je mij geen tweede keer te vertellen. Ik heb wel een paar suggesties. Een inkoppertje is natuurlijk gewoon stoppen met de aanleg van de rondweg. Probleem opgelost. Maar volgens de raad is dat station inmiddels al gepasseerd, hoewel de aanbesteding nog moet plaatsvinden. Dan dat nieuwe stadhuis. Totaal overbodig. Misschien kunnen de ambtenaren letterlijk het hart van de stad vormen door te gaan flexwerken. Laptop mee en dan een plekje zoeken in de kantine van een verzorgingshuis of in een van de buurthuizen. Goed voor de binding met de stad en lekker goedkoop.

Toen er bezuinigd moest worden bij mijn vorige baan werd ik boventallig verklaard. Omdat ik als laatste van mijn leeftijdsgroep binnen was gekomen, moest ik weer vertrekken. Dat lijkt me ook wel een handige en eerlijke manier bij de wethouders. Zeven wethouders is natuurlijk best veel voor een stad als Amersfoort. Afschaffen van vuurwerk in heel Amersfoort in plaats van tien extra vuurwerkvrije zones scheelt veel overleg en dus geld. Het is ook duidelijker en het scheelt schoonmaakkosten. Mensen met een uitkering die vuurwerk op zich wel leuk vinden kunnen worden ingezet als handhavers. Twee vliegen in een klap. Geen taboes toch?

Koningsdag kunnen we niet meer terugdraaien maar het schijnt veel toeristen te hebben opgeleverd, dus omhoog maar met die toeristenbelasting. Amersfoort heeft genoeg gefeest wat mij betreft dus de nieuwjaarsreceptie kan afgeschaft worden! Dat plan van die reclameborden is geweldig. Laten we vooral de hele stad volhangen. In elke straat eentje, dat levert enorm veel geld op. En we kappen alle eikenbomen. Doei processierups! Een andere suggestie was de hondenbelasting te laten stijgen. Toen de controleur bij ons aanbelde om te vragen of we een hond hadden kon ik dat vol overtuiging ontkennen. Maar ik heb wel een kater. Een flinke ook.

IMG_0028

Simpel

Het is gebeurd voor ik er erg in heb. Twee jongens van een jaar of zestien staan met hun fiets voor de Jumbo op het Neptunusplein. Ze openen een pak gangmakers, pakken de koeken uit de verpakking en laten de rest gewoon vallen. Ze stappen op hun fiets en rijden weg, mij verbouwereerd achterlatend.

Er staat nog een jongen. Hij staat op het punt de andere twee achterna te fietsten en zit nog te hannesen met zijn oortjes.  Terwijl ik het plastic en het kartonnetje van de verpakking van de grond pak zeg ik tegen hem; ,,Zeg even dat ze hun zooi voortaan opruimen”. De jongen kijkt me verstrooid aan en doet zijn oortjes uit. Ik herhaal mijn tekst en hij antwoordt; ik zal het doorgeven.

Zomaar je zooi op straat gooien. Ik begrijp er niets van maar er zijn mensen die dat heel gewoon vinden. Ik had als kind mijn zakken altijd vol zitten. Snoeppapiertjes, ijsstokjes en ander klein afval zat eerst een tijdje in mijn broek- of jaszak voor ik die weer leegde in de vuilnisbak. Het niet zomaar iets op de grond gooien zit zo in mijn systeem dat ik zelfs bij popconcerten het moeilijk vindt om de plastic glazen op de grond te laten vallen tussen het andere afval.

Vandaag is het World Cleanup Day en gaan in Amersfoort honderden vrijwilligers aan de slag om de rotzooi van anderen op te ruimen. Heel mooi hoor, maar misschien moeten we elkaar ook aan durven spreken wanneer iemand zwerfafval van zich af gooit.

Dat deed ik eerder bij de jongeren bij ons in de poort en hoewel ik het best spannend vond reageerden ze prima. Op mijn “jongens, leuk dat jullie hier staan maar ruim ook de rommel op”, reageerden ze spontaan ,,u heeft gelijk, gaan we doen”. En ze doen het inderdaad. De eerste keren heb ik nog een vuilniszakje opgehangen bij hun hangplek, maar nu regelen ze dat zelf.

sta nog steeds met de lege koekverpakking op de stoep voor de Jumbo. Loop naar de afvalbak die een meter of twee verder staat en gooi het afval weg. Op de vuilnisbak hangt een poster waarop staat: ‘Opruimen. Het lijkt simpel. En dat is het ook.’ Toptekst!

006f4bc5-6deb-48a6-8d32-20c06bd733be

Anderhalve ton

‘Wat een topmiddag was het’. Wethouder Hans Buijtelaar zit in zijn kamer in het stadhuis en denkt met genoegen terug aan afgelopen zondag. Vanuit zijn stoel ziet hij nog net tussen de bomen en de gebouwen de Eem liggen. Daar sprongen op 8 september meer dan driehonderd stadgenoten het water in om geld in te zamelen voor de Amersfoortse Editie Swim to fight Cancer. En hij was er een van.
Sportief als hij is draaide hij zijn hand niet om voor die twee kilometer zwemmen. Met een paar collega’s vormde hij het team “Wij zijn Amersfoort”. Terwijl zijn teamgenoten op de zondag trainden in het Bosbad, had hij zelf flink geoefend in de Amerena. Na elke training ging hij ook even de glijbaan af. Dat was voor hem de kers op de taart.
In totaal was de opbrengst ruim anderhalve ton en met “wij zijn Amersfoort” had hij bijna vier en half duizend euro opgehaald. Dat ging nog niet eens zo makkelijk. Hij had best een beetje moeten leuren bij vrienden, familie en collega’s. Hij was natuurlijk niet de enige. Ook de andere deelnemers hebben enorm veel energie gestoken in het krijgen van sponsorgeld. In totaal hebben ruim zevenduizend mensen een donatie gegeven voor de zwemmers van Swim to fight Cancer. ‘Zevenduizend! Dat zijn er toch een heleboel,’ flitst het door het hoofd van Buijtelaar.
Sowieso hebben ontzettend veel mensen meegewerkt om deze dag tot een succes te maken. Naast de driehonderd zwemmers waren er veel supporters op de been en er waren veel vrijwilligers om alles in goede banen te leiden. Maar het ging natuurlijk ook om een waanzinnig goed doel. Het bij elkaar gezwommen bedrag, ruim anderhalve ton, wordt namelijk ingezet voor wetenschappelijk kankeronderzoek. En aangezien 1 op de 3 mensen ooit in zijn leven kanker krijgt…
,,Hans?” Buijtelaar schrikt op uit zijn gemijmer. Hij had het kloppen op de deur niet gehoord en nu stond ineens een van zijn medewerkers naast zijn stoel. Zij houdt een papier onder zijn neus. ,,Hier zijn de officiële documenten over de naamswijziging van het station”. Hans kijkt het papier vluchtig door. Hij leest de woorden, ProRail, Centraal Station, anderhalve ton.  Achteloos zet hij zijn handtekening.
IMG_0797
De Eemhaven, waar driehonderd zwemmers geld bij elkaar zwommen op 8 september.

Bingo

Ik kijk uit het raam en zie mijn 90-jarige buurman op zijn fiets stappen. Hij gaat even koffiedrinken bij zijn dochter. Het is een buurman die volgens mij absoluut ongelukkig zou worden wanneer hij in een flat zou wonen met alleen oudere mensen. Hij houdt van reuring in de straat. Hij geniet van de kinderen die buiten spelen. Ik bedenk me dat ik het ook niet zie zitten om later in een seniorencomplex te wonen. Volgens mij zou ik na een tijdje net zo klagen als de rest. Over de lift die niet schoon is, over de organisatie van de bingo, over het geroddel onderling. Het is mijn schrikbeeld.

Ik denk dat het nooit goed is om een homogene groep mensen bij elkaar te zetten. Of het nu gaat om ouderen, studenten of mensen met een niet-westerse achtergrond. Ik denk dat mensen blijer worden van diversiteit. De gemeente Amersfoort en woningcorporatie Portaal laten nu een paar studenten in het wooncomplex aan de Paladijnenweg wonen om daar de leefbaarheid te vergroten. Een mooi initiatief. Studenten hoeven minder huur te betalen voor hun etage, maar moeten zich wel inzetten voor de mensen in het gebouw. Ze gaan samen met de bewoners kijken hoe het gezelliger en leefbaarder kan worden in het complex.

Ik vind het een mooi begin. Maar laat dan ook oudere mensen wonen in een aangepaste studentenflat, zorg dat bij nieuwbouw grote etages worden afgewisseld met woningen voor eenpersoonshuishoudens, bouw goedkope huizen naast duurdere zodat er automatisch een mix aan mensen komt. Dat levert volgens mij een fijne energie op. Hoe mooi is het wanneer er ouderen in je straat wonen die op kleine kinderen willen passen. Wanneer enthousiaste jongeren een klusje willen doen bij een oudere buurvrouw. Wanneer mensen die het Nederlands goed beheersen zich in willen zetten voor buren die het moeilijk vinden om ingewikkelde brieven te lezen.

Ik pak een kop koffie en ga bij het raam staan. Eigenlijk woon ik al in zo’n straat. Hopelijk blijven in de komende jaren veel verschillende mensen in onze straat wonen, met verschillende achtergronden, in verschillende leeftijdsgroepen. Dat werkt volgens mij het allerbest. Wie weet kan ik hier dan wel de rest van mijn leven blijven wonen, net als mijn buurman.IMG_0090

Boze Burgers

Het lijkt wel of wij Amersfoorters overal tegen zijn. Praten we over parkeervergunningen? Dan is het huis te klein. Zijn er plannen voor woontorens? Dan wordt er een actiegroep opgericht. En gaat het letterlijk over leven of dood? Dan maken we wel weer bezwaar tegen de uitruklocatie van de ambulances. Het moet toch niet gekker worden?!

Neem de bewoners van de Memlingstraat in het Vermeerkwartier. Met de invoering van het vergunningparkeren mochten de auto’s volgens de bewoners gewoon aan beide kanten op de stoep blijven staan. Maar de meerderheid van de gemeenteraad vond dat de stoep in ieder geval aan een kant van de weg vrij moest zijn van auto’s. Resultaat: boze bewoners.

Wat dacht je van de actiegroep ‘Bezorgd Liendert’. Zij balen van de plannen van een woontoren op de plaats waar vroeger het zwembad Liendert stond. Maar wanneer je zelf een zoon van achtentwintig hebt die het huis uit wil maar nergens in Amersfoort een betaalbare huurwoning kan vinden dan kijk je volgens mij ineens heel anders naar zo’n toren.

En stel je krijgt een hartverzakking. Dan wil je toch graag dat de ambulance op tijd bij je is? Zo’n wagen moet wel ergens staan voordat hij naar je toe kan rijden. Misschien is het Meander een goede plek? Helaas. Een deel van de bewoners van de Maatweg maakt bezwaar tegen een nieuwe standplaats voor ambulances in hun buurt. Ik snap dat dat onrust geeft en geluidsoverlast, maar die voertuigen moeten toch ergens gestationeerd worden?

Ik begrijp alle weerstand en snap dat je opkomt voor je eigen belangen, maar af en toe vind ik dat wel te ver gaan. Het is vrij egocentrisch om zelf ergens lekker te wonen, maar dat anderen niet te gunnen. Het is raar om het logisch te vinden dat je in de hele straat op de stoep moet kunnen parkeren, maar daarbij niet denkt aan buuf Sjaan met haar rollator of Jan met zijn blindengeleidehond. En het is bizar om wel te verwachten dat hulpverleners snel bij je kunnen komen, maar het niet goed te keuren dat ze hun wagens ergens parkeren.

Misschien moeten we verder kijken dan ons eigen straatje. Daar wordt de stad Amersfoort uiteindelijk mooier van.

IMG_0150

Ammehoela

,,Je gaat die pomp toch niet weggooien?” Een onbekende vrouw zit achter het stuur en heeft het raampje aan de bijrijderskant opengedaan. Ze wijst naar de pomp die achter in onze auto ligt. Het is een pomp voor een plastic bootje of een luchtbed. Even daarvoor had ik hem aangeboden aan de meneer van de Kringloopwinkel maar die wilde hem niet.

,,Wil jij de pomp? Oh fijn…”, antwoord ik en in één beweging pak ik de pomp uit de achterbak en geef hem door het raam aan de vrouw. ,,Wil je de peddels ook?” Ik zie haar twijfelen maar dan schudt ze haar hoofd. Twee jonge kinderen zitten achterin de auto.  ,,Ik heb ook nog strijkkralen.” Ik kijk de vrouw verwachtingsvol aan. ,,Oh, leuk…doe maar.” Ik geef haar een bak strijkkralen en bijbehorende vormpjes.  De vrouw bedankt me hartelijk en rijdt door. Ik loop blij naar de auto en kijk om me heen. Het is druk bij het milieubrengstation van de ROVA. Auto’s rijden af en aan. Verderop gooit Meneer Enzofoort een stapel dozen bij het papier. In de auto ligt nog een zak kleding.

Ik dacht een groot deel van onze overbodige spullen bij de kringloopafdeling achter te kunnen laten maar daar dacht de meneer van de kringloop anders over. ,,Nee mevrouw, die nemen we niet in want een pomp is een seizoensproduct en daar hebben we geen plaats voor”, zei hij. Ik keek de man verbaasd aan en vroeg hem; ,,Dan wilt u de roeispanen waarschijnlijk ook niet.” Hij knikte. ,,Klopt.” Wijzend op de strijkkralen; ,,dit kinderspeelgoed nemen we ook niet aan. Daarachter is een container waar u al uw overgebleven spullen in kan gooien.”

Ik ben lichtelijk in shock. Het is toch ongelooflijk. We hebben met zijn allen zoveel spullen verzameld dat zelfs de kringloop het niet meer wil. Balen wel. Ik vind het namelijk heel moeilijk om dingen die nog goed te gebruiken zijn weg te gooien. Gelukkig kon ik de pomp kwijt aan die onbekende moeder. Even twijfel ik of ik de roeispanen weg gooi of toch weer meeneem. Ik besluit het laatste. Seizoensproduct, ammehoela. Het wordt prachtig weer dit weekend. Dus als je wilt roeien en je hebt geen spanen; wie het eerst komt…

IMG_8588

 

 

Jeugdvriend voor het leven

IMG_9146,,Ik zie het nog precies voor me”. De 84-jarige Jan Roes wijst naar de richting van het schoolgebouw in Megchelen. ,,Mevrouw Hendriks kwam de klas binnen, fluisterde wat in het oor van de juf en daarna nam ze Nel zo mee de klas uit”. Hij kijkt me met vochtige ogen aan. ,,Jarenlang wist ik niet wat er met je moeder gebeurd was. Ik dacht dat ze misschien wel joods was en opgepakt.” Mijn moeder draait zich om naar het pand naast de school en wijst naar boven. ,,Daar goot Puck Hendriks altijd haar lampetkan leeg. Ze gooide het zo uit het raam”.

Ik kijk naar mijn moeder en haar vroegere klasgenoot. Ze halen herinneringen op aan de oorlog. Aan de tijd dat ze als kleine kinderen samen in de klas zaten. Mijn moeder, Rotterdamse, kwam in 1940 als hongerevacuee naar Megchelen en werd een klasgenoot van Jan. Ze hebben ruim drie jaar bij elkaar in de klas gezeten. Tot het moment dat mijn moeder uit de klas werd gehaald.

Wat Jan niet wist was dat mijn opa het tijd vond om zijn inmiddels achtjarige dochtertje Nelly terug naar huis te halen. Hij was bang dat het te gevaarlijk werd in Megchelen dat op de grens van Duitsland ligt.  Broer Dick en zus Luus werden naar het dorp gestuurd en zij namen hun zusje weer mee terug naar Rotterdam. Er werd geen afscheid genomen van de klas. Nadat Nellie met mevrouw Hendriks de klas uit liep zagen haar klasgenootjes haar nooit meer. Tot Jan en mijn moeder elkaar een paar jaar geleden weer voor het eerst na de oorlog ontmoetten.

Het zal zo’n tien jaar geleden zijn geweest dat mijn moeder een stukje plaatste in het plaatselijke krantje van Megchelen. Ze schreef daarin dat ze als kind tijdens de oorlog een aantal jaren in Megchelen had gewoond en dat ze nu in Bolsward woonde. Het werd gelezen door verschillende bekenden van mijn moeder, maar niet door Jan.

Jan woonde inmiddels in Ulft, een dorpje vlakbij Megchelen en had een carrière als profvoetballer achter zich. De oorlog had flink veel indruk op hem gemaakt en was dan ook dikwijls een onderwerp van gesprek. Op een keer sprak hij met dorpsgenoten over die periode en vroeg zich hardop af; ,,Wat zou er toch gebeurd zijn met Nelly Baars? In het gezelschap zat iemand die het stukje in de krant had gelezen en zij antwoordde: ,,Die woont in Bolsward”.

Toch kwam er nog geen contact op gang. Pas toen een buurvrouw van Jan mijn moeders telefoonnummer achterhaald had kwam het eerste contact. De buurvrouw belde mijn moeder en vertelde dat Jan die dag 75 jaar geworden was en gaf mijn moeder zijn telefoonnummer. Mijn moeder belde en kreeg een verbaasde en enthousiaste Jan aan de telefoon. Het eerste contact was gelegd. Mijn moeder is de afgelopen jaren twee keer eerder bij Jan en zijn vrouw Riekie op bezoek geweest.

Deze keer had ik de eer om mee te gaan. Het was een prachtige dag. Het verhaal over Jan Roes en mijn moeders jeugd in Megchelen ging toen pas echt leven. Vijfenzeventig jaar nadat mijn moeder de klas uitgehaald was stonden ze samen herinneringen op te halen. Hoe mooi is dat!IMG_9142