Mens erger je niet!

Potverdorie. Het zal je moeder zijn die net twee jaar in De Lichtenberg woont en hoort dat ze alweer moet gaan verhuizen! Geen rustige laatste jaren, maar wederom zo’n ingrijpende verandering.  Dan zakt je broek toch af? Alsof ze een pion is die je zomaar te kust en te keur kunt verplaatsen!

52 Ouderen die nu nog in het woonzorgcentrum wonen moeten verhuizen. Weg uit hun vertrouwde omgeving. De reden? Volgens Beweging 3.0 is de zorg aan ouderen in het woonzorgcentrum steeds zwaarder en complexer geworden en is het huidige gebouw daarvoor ongeschikt. Daarnaast hebben ze de ruimte nodig om meer verpleeghuisplekken te maken. Maar gelukkig; ze doen er alles aan om ‘de bewoners naar de plek van hun voorkeur te verhuizen’. Daar kun je het dan mee doen. Ik kan me niet voorstellen dat de ouderen staan te popelen om weer te verkassen, ook al is de inrichting van het huis niet meer van deze tijd en voldoen de badkamers niet meer aan de eisen.

Zes jaar geleden ging het Burgemeester Van Randwijckhuis ook al dicht. Tachtig ouderen moesten toen een nieuwe plek zoeken om te wonen. Hun leven lag overhoop maar gelukkig vonden ze allemaal weer woonruimte. Het schijnt dat sommigen van hen in De Lichtenberg terecht zijn gekomen en nu weer moeten verhuizen terwijl ze net zo blij waren met hun kamer. Waar moeten zij en de andere bewoners naar toe? Woonzorgcentrum De Liendert is ook al gesloten. Terug naar een gewone woning is bijna onmogelijk en voor een verpleeghuis zijn ze vaak nog niet slecht genoeg.

Het is natuurlijk overheidsbeleid om ouderen zo lang mogelijk thuis te laten wonen, want dat kost minder geld. Maar het kost enorm veel bloed, zweet en tranen. Mantelzorgers doen wat ze kunnen. Op een gegeven moment gaan ze er zelf bijna aan onderdoor. Moet je nagaan; dan ben je opgelucht dat je vader of moeder uiteindelijk naar De Lichtenberg kan en dan moeten ze daar weer weg. Frustrerend toch?!

Het lijkt wel mens-erger- je- niet, waarbij je als oudere met een beetje pech vlak voor de finish van het speelveld wordt gegooid. Krabbel dan maar weer eens op. Ik heb de neiging om het hele bord van de tafel te flikkeren. Klotezooi!

IMG_8956

Boventallig

,,Man, wat heb ik slecht geslapen vannacht”. Annemarie pakt haar kop koffie en neemt een slok. Mijn collega Els gaapt stiekem achter haar hand en zucht eens diep. Wat een rare sfeer hangt er op het werk. Ik zit bij Welzin op de Drentsestraat.  Het is de day after. De dag nadat iedereen te horen heeft gekregen of hij of zij mag blijven of boventallig is. Dat klinkt alsof er duidelijkheid is, maar voor veel collega’s is de toekomst nog onbekend. Hun contract stopt, maar ze kunnen nog solliciteren op een andere baan binnen het bedrijf.  Ze kunnen nog terecht bij de nieuwe organisatie InDeBuurt033.

Ook ik heb te horen gekregen wat mijn status is; “boventallig” ben ik. Dat had ik wel verwacht en ik vind het ook niet zo’n probleem want eigenlijk was ik al tijden toe aan een nieuwe baan. Toch was het raar toen mijn leidinggevende daadwerkelijk uitsluitsel gaf en ik het hardop hoorde zeggen; je bent boventallig. Het voelde toch als een diskwalificatie, alsof ik de afgelopen jaren niet goed genoeg was voor mijn cliënten. Tegelijkertijd weet ik dat dat onzin is.  Boventallig….ik laat de woorden nog eens door mijn hoofd gaan. Zeven jaar heb ik gewerkt bij Welzin. Ik ben thuisbegeleidster en probeer mensen een duwtje in de rug te geven. Tja…dat is over een paar weken over.

Wat een onrust in Amersfoort. Wat een onrust mede door de aanbesteding voor het Welzijnswerk in onze stad. Nu weet ik hoe het voelt voor de betaalde krachten van Ravelijn. Nu weet ik hoe het voelt voor een deel van de mensen van Stadsring 51. Nu weet ik hoe het voelt voor een deel van mijn collega’s en voor mijzelf. Onzekerheid.

De dag na bijltjesdag drink ik samen met mijn collega’s koffie. Ik bekijk ze stuk voor stuk. Potverdorie, wat ga ik ze missen. Binnenkort krijg ik informatie en een afspraak met de HR-afdeling. Dan moet ik naar het UWV om een uitkering aan te vragen. Binnenkort weten ook mijn andere collega’s of ze blijven bij Welzin, doorgaan naar InDeBuurt033 of net als ik op zoek moeten naar een nieuwe baan. Volgens mij duurt het nog wel even tot het stof is neergedaald.

img_1163

Rotweek

Ik schrijf maandelijks voor mijn collega’s van Beweging 3.0 een column, daarin beschrijf ik mijn belevenissen als thuisbegeleidster. Deze maand schreef ik het volgende: 

Ik vond mijn fiets al zo zwaar trappen en pas bij mijn cliënte Monique kwam ik er achter dat mijn voorband lek was. Balen, want het was zo’n 6 kilometer van mijn huis en ik moest mijn kinderen na dit bezoek van school halen. Maar goed, dat was van latere zorg, want eerst wilde ik horen hoe het met Monique was gegaan.

Direct bij binnenkomst merkte ik dat het minder ging. Het afbouwen van haar medicijnen verliep niet zoals gehoopt en ze was onrustig, miste overzicht en was bang om weer af te glijden. Ze heeft de Paaz gebeld en met de psychiater overlegt over haar medicatie. Na wat ‘structureren van haar huishouden’ spraken we af dat ik op haar fiets naar huis zou gaan en dan later op de dag de fietsen weer om zou ruilen met behulp van onze auto. Ik baalde, want ik moest deze middag nog wat privédingen doen en ik was bang in tijdnood te komen.

Het was al zo’n rotweek. Cliënte Marin werd gisteren, waar ik bij zat, afgesnauwd door haar man. Hij kleineerde haar en het erge was; ik zei er niets van. Toen ik buiten stond baalde ik, maar ik was te verbouwereerd geweest. Wat een lul!  Met Marin heb ik wel gesprekken gehad dat als ze iets aan haar slechte huwelijk wilde doen ze actie moest ondernemen, maar of ze daar de moed voor heeft? Ik vraag het me af.

Diezelfde dag hoorde ik slechte nieuws over mijn cliënte Petra met een korte-termijn-geheugen-stoornis. Werd er een paar maanden geleden nog gezegd dat het geen Alzheimer was of iets in die richting, nu blijkt uit de scans dat er toch achteruitgang is te zien in haar hersenen. Een domper, want haar omgeving –waar ik me ook onder schaar- zagen juist vooruitgang. Ze was energieker, herinnerde zich meer en nam initiatief.

En of het niet genoeg was stond Jessie vandaag op mijn antwoordapparaat,  ze was waanhopig; ze bleek zwanger te zijn. Ze wil de zwangerschap niet voortzetten omdat ze het niet aankan. Ze ziet het niet zitten, nog een kleintje erbij terwijl ze nu al met moeite haar leven leeft. Omdat ze zich in zeer Christelijke kringen bevindt en ze zich diep schaamt vroeg ze mij mee te gaan naar een kliniek. Gelukkig gaat me dat lukken, hoeft ze niet alleen te gaan.

Kortom, er zijn wel eens leukere weken geweest. Weken waarin het wel goed gaat met mijn cliënten. Ik bedenk me dat mijn kinderen over een half uur op het schoolplein staan te wachten en ik vertrek bij Monique. En terwijl ik op haar fiets richting mijn kinderen rijdt realiseerde ik me dat ik in mijn handjes mag knijpen: geen medicatie nodig, niet (ongewenst)zwanger, geen man die me afblaft, geen voedselbank nodig, en geen kortetermijn geheugenstoornis. Waar zeur ik eigenlijk over? Over een lekke band die wat ongemak met zich mee brengt. Pffff….