Madre de Familia

IMG_4090Daar ligt ze dan. Of eigenlijk ook niet. Ze heeft het uiterlijk van mijn tante, maar haar ziel is al verdwenen. Voor me zitten haar drie dochters, mijn nichten, op een rijtje. Naast hen mijn aangetrouwde neef en de kleinkinderen van mijn tante.

Tweeënnegentig jaar is ze geworden en tijdens zoveel jaren maak je heel wat mee. Foto’s op het scherm vertellen haar verhaal. Zwart-witfoto’s afgewisseld met kleur. Korrelige foto’s afgewisseld met haarscherpe beelden. Soms mijn tante alleen, vaak met haar man en kinderen of met haar zussen en broers. Ze was een soort Madre de Familia. De oudste dochter van het gezin.

Er worden anekdotes verteld en we krijgen een kijkje in haar leven. Als ik mijn ogen dicht doe hoor ik nog haar bijzondere stem en tongval. Als ik in mijn geheugen graaf zie ik haar weer toen ze nog jonger en energieker was. En vandaag nemen we afscheid.

Mijn moeder zit naast me en moet afscheid nemen van haar oudste zus. Ik probeer me voor te stellen hoe dat is, maar ik kan het niet. Ik probeer me voor te stellen hoe het zal zijn om oud te worden, om in de war te raken, om fysiek beperkt te worden. Het lukt me niet. Ik wil het eigenlijk ook niet weten.

Na afloop van de bijeenkomst praat ik met mijn familie. Er zijn nieuwe partners bijgekomen, sommige nichten zijn al oma. Ik realiseer me dat we steeds verder opschuiven. Dat de generatie boven mij steeds meer wordt uitgedund en dat er aan de onderkant weer kinderen bij komen. Ik realiseer me weer eens dat ik nog meer moet genieten van alles wat ik heb. Als ik met mijn moeder naar buiten loop schijnt de zon. Ik knijp in mijn moeders hand. Het was goed dat we er waren.

Waarom lukt het mij niet?

IMG_5791Ik probeer te voelen, maar het lukt me niet. Ik kijk naar stokoude mannen die voor ons hebben gevochten, maar het komt niet binnen. Ik wil mijn gedachten sturen naar die periode lang geleden, maar de tijd ontglipt me. Wat is er met me aan de hand?  Waarom kan ik niet gewoon voor honderd procent herdenken? Het is vier mei en ik ben bij mijn moeder die zelf de oorlog heeft meegemaakt.

Vijf jaar was ze, toen ze met haar broertje op de stoep zat te kijken hoe Rotterdam gebombardeerd werd. Ze is als hongerevacuee naar Megchelen gestuurd en vertelt mondjesmaat verhalen over die periode. Inmiddels is ze bijna tachtig en rond deze periode krijgt ze altijd een donker gevoel. Documentaires over de oorlog laat ze aan zich voorbij gaan. Vijf mei voelt voor haar niet als een feestdag. Door de overdaad aan informatie over de Tweede Wereldoorlog op televisie, in bladen en in kranten gaat het onderwerp mij ook bijna tegen staan.

Als de laatste tonen van de trompet weerklinken en het acht uur is denk ik aan van alles, behalve aan de mensen die overleden zijn tijdens de Tweede Wereldoorlog. Ik denk aan het gedoe rondom de herdenking; over wie we nu wel en wie we nu niet mogen gedenken. Vrijheid van denken, dààr ben ik voor. Ik kijk naar Maxima en ik vraag me af of haar zwarte hoge hakjes wel ingelopen zijn. Ik luister naar de vogels die gewoon doorgaan met zingen alsof er niets gebeurd is.

Begrijp me niet verkeerd: Natuurlijk moeten we de Tweede Wereldoorlog blijven herdenken maar het lijkt wel of het te ver van mij af staat. Raar, want mijn moeder verbindt mij nog met die periode. Hoe zullen Pien en Teun over dertig jaar stilstaan bij deze dag? Dan is de bevrijding alweer een eeuw geleden en hopelijk is er in die tussentijd geen oorlog gekomen die groter is dan de oorlog die wij nu herdenken. Misschien zit hem daar de kneep; ondertussen maakt de wereld er een potje van. Nog steeds worden bevolkingsgroepen uitgesloten, zijn er mensen op de vlucht, worden onschuldigen vermoord. Wij zijn zeventig jaar geleden dan wel bevrijd maar in feite gaat de oorlog gewoon door.

Genieten

Wat een prachtig gezicht. Ik zie een roofvogel van heel dichtbij, hij maakt een duikvlucht en gaat daarna op een tak zitten. Ik blijf vol bewondering naar hem staren en moet vervolgens over mijn schouders kijken om hem nog te zien. Ik zit namelijk op de fiets en voor ik het weet rijd ik de vogel voorbij.  Mijn moedertje van 77 rijdt zo’n veertig meter voor me, we gaan naar beneden en dus lekker hard. Even wil ik haar roepen en vertellen dat er zo’n prachtige roofvogel dichtbij vloog, maar ik doe het niet. Stel je voor dat ze omkijkt en zo van het fietspad af fietst.

Ik denk dat we er zo’n 15 kilometer op hebben zitten. Af en toe vallen er vlokjes sneeuw naar beneden. Terwijl Marcoen met de kinderen ergens in een zwembad zit, fietsen mijn moeder en ik door Gelderland. Ik kom bij plaatsen die me doen denken aan vroeger, toen ik nog bij Omroep Gelderland werkte. We fietsen bijna langs Marry, de kruidenmevrouw die ik jarenlang interviewde voor het programma “Dubbeluur” en als ik door de prachtige bossen rijdt denk ik aan boswachter Casper van der Bos, waarmee ik nog een keer midden in de nacht opnames heb gemaakt. Het was een bijzondere tijd, die inmiddels alweer een paar jaar achter me ligt. En nu, omdat we een weekje doorbrengen in een huisje in Hoenderloo, komen die herinneringen terug. 

Trots kijk ik naar mijn moeder, die op een huurfiets de twintig kilometer fietst alsof ze nog twintig is. Ze klaagt niet over de kou, ze geniet. Net als ik. 

Afbeelding

Verleden Actueel

Ik kijk van mijn dochter naar mijn moeder en weer terug en probeer me voor te stellen hoe het is om op 8-jarige leeftijd niet bij je moeder wonen. Want dat is mijn moeder overkomen toen ze nog jonger was dan Puck nu.

Vanuit Rotterdam was mijn moeder tijdens de oorlog naar Megchelen in de Achterhoek gebracht omdat het in Rotterdam te gevaarlijk was. In het begin van de oorlog -mijn moeder was toen nog geen 6 jaar!-  vielen de bommen vlak bij de wijk waar mijn moeder woonde en daarom werden mijn moeder en twee van haar zussen naar de Achterhoek gebracht. De zussen gingen terug, mijn moeder bleef ruim drie jaar.

Ik had de verhalen hierover wel eens gehoord, maar het werd vooral actueel omdat mijn moeder afgelopen week terug is gegaan naar Megchelen. Ze had daar een afspraak met een man genaamd Jan Roest. Jan had destijds bij mijn moeder in Megchelen in de klas gezeten en heeft lang gedacht  dat mijn moeder niet meer zou leven want dat leuke meisje ,Nelly,  werd op een dag uit de klas gehaald, en daarna is ze nooit meer teruggekomen. Een donker meisje, uit de Randstad, tijdens de oorlog…  misschien was ze wel Joods en was ze afgevoerd, zo was zijn gedachte.

Mijn moeder was niet Joods en werd teruggebracht naar Rotterdam omdat ze zo’n heimwee had. Tenminste, dat denkt ze nu. Tijd om echt afscheid te nemen was er blijkbaar niet geweest en daarom bleef het voor Jan onduidelijk wat er was gebeurd. Mijn moeder was lang in zijn gedachte gebleven, omdat hij een zwak voor haar had.

Door het toeval kwam Jan Roest er achter dat mijn moeder nog leefde. Dat kwam zo; mijn moeder mailde een keer een stukje naar een plaatselijk Megchels blaadje over haar tijd daar tijdens de oorlog en dat werd gelezen door de broer van Jan. Van het één kwam het ander en zo kwam het dat mijn moeder deze week naar de Achterhoek ging en na al die jaren haar jeugdvriendje weer zag.

Een bijzondere ontmoeting. Eerst hebben ze een tijd bij zitten kletsen en daarna liepen ze samen door het dorp. Hoe jong mijn moeder destijds ook geweest is, ze herinnerde zich nog waar de smid had gewoond en hoe je van de school naar de kerk moest lopen.

En Jan? Die was, net als mijn moeder, bijna 70 jaar ouder geworden. Maar zo voelde het niet. Ze pakten de draad gewoon weer op. Alsof de tijd had stilgestaan.

Afbeelding