OP ZOEK NAAR…

1. Sollicitatie

IMG_4722

,,Met Nienke”, ik loop met mijn telefoon de ruimte uit waar net een workshop ‘netwerken’ afgesloten wordt.  ,,Hi Nienke, ik moet je helaas teleurstellen, je bent het niet geworden.” Ik slik. De teleurstelling is enorm. ,,Het lag niet aan jou want we vonden het een goed en fijn gesprek, maar de andere kandidaten hadden een beter aansluitende opleiding en meer ervaring”. Ondertussen staat een medecursist vragend met zijn duim omhoog in de deuropening. Ik schud mijn hoofd en wijs met mijn duim naar beneden. Ik slik mijn tranen weg. Oh, wat baal ik. Ik zat er zo dichtbij voor mijn gevoel. De baan had alles wat ik leuk vind. Contact maken en onderhouden met verschillende groepen mensen, netwerken, ook zorgen dat de meest kwetsbare mensen meedoen aan de maatschappij, leuke collega’s, drie dagen aan de slag, in mijn eigen Amersfoort dus gewoon op mijn fietsje, afwisselend werk. Ik praat nog even door met degene waarbij ik heb gesolliciteerd. Bedank haar en loop naar het lokaal terug. De meeste workshop-collega’s zijn al weg. Ik doe mijn schrift in mijn tas, zeg de workshoptrainer gedag en loop naar het bushokje vlak bij de workshoplokatie.

Potverdorie. Het leek mij zo fijn om weer aan de slag te gaan.  Collega’s te hebben. Niet meer maandelijks vier sollicitatie-activiteiten te hoeven invullen bij het UWV. Wat meer geld binnen te krijgen. Uitgedaagd te worden. Te sparren met collega’s. ’s Ochtends op te moeten schieten om op tijd op mijn werk te zijn. Naar mijn werk te fietsen.Ik ben al flink wat maanden zonder baan. Werkeloos ben ik niet want ik heb verschillende klussen te  doen. Soms loop ik in Hilversum rond en doe daar redactie en regie van het Radio 5 programma Volgspot. Ook zit ik geregeld zit ik achter mijn bureau en heb contact met mensen in verband met de website en het platform Amersfoort Kiest. Ik hielp mee met de conferentie van het Sociaal Fonds Amersfoort dat donderdag gehouden werd en ik schrijf elke week een column voor de Amersfoortse Courant. Maar ik mis een ritme. Collega’s. De noodzaak om op tijd klaar te zijn ’s ochtends.

Terwijl ik in de bus naar Amersfoort zit app ik meneer Enzofoort en wat vriendinnen. Ze reageren lief. De buschauffeur heeft vast ook een shithumeur want hij rijdt zo onrustig dat ik er kostmisselijk van word.

Ik neem een besluit. Ik ga schrijven. Schrijven over het gevoel dat ik krijg wanneer ik contact heb met het UWV.  Schrijven over het gevoel dat ik heb wanneer ik schrijf op een vacature. Schrijven over het gevoel van leegte terwijl ik ondertussen best druk ben. Over de onrust in mijn lijf. Ik ben niet op zoek naar klussen; ik wil een baan. Met een vast salaris. En leuke collega’s. En vandaag begin ik vol goede moed aan het volgende hoofdstuk.

Wordt vervolgd.

Speurtocht in de bieb

(AD 30-05-2014)

Afbeelding

 ,,Even kijken hoe dit werkt”, ik draai aan het bolletje want ik wil iets invullen op de zoekmachine. Het lukt me niet eens om de cursor op de juiste plek te krijgen. ,,Laat mij maar eens proberen”, zegt Pien. Ze duwt me aan de kant en gaat geroutineerd aan de slag. ,,Het lukt mij ook niet…”, zegt ze teleurgesteld. Verderop staan twee klasgenootjes van Pien achter een andere computer; ook zij kijken licht wanhopig. Hoe moet dat nu? Voor een werkstuk heeft mijn dochter een boek nodig en daarom zijn we hier in de bibliotheek aan het Eemplein. Het is de eerste keer dat ik de bibliotheek bezoek en ik word overweldigd door de prachtige inrichting. Ik zie mensen achter grote tafels zitten werken en krijg zin om er bij te gaan zitten en wat bladen te lezen. Ook lonkt de koffie uit de espressobar. Maar goed, dat is iets voor een andere keer want vandaag zijn we hier met een missie; Een boek zoeken over ijshockey, want dat is de sport waar mijn dochter een uitgebreid werkstuk over moet maken.

Ik ga nogmaals achter de computer staan en druk op verschillende toetsen. De computer is vast hufterproof, want het toetsenbord ziet er onverwoestbaar uit, maar echt gebruiksvriendelijk is hij niet. We vragen een medewerkster van de bibliotheek om uitleg. Het lukt haar in eerste instantie zelf ook niet om bij het juiste schermpje te komen. Ik krijg het inmiddels een beetje warm. Na wat geklooi met het inmiddels bekende bolletje en het indrukken van wat ‘caps lock’ toetsen komen we er tenslotte uit. Denken we. We hebben een boeknummer en bedanken de bibliothecaresse.

Vervolgens lopen we naar de kast met boeken over sport. Ik ga door mijn knieën en kijk of ik het boek zie. Het boek is nergens te vinden. Er is vast over nagedacht, dus het zal wel aan mij liggen, is mijn eerste gedachte. Ik loop langs de verschillende thema-kasten en zoek door. Mijn rug protesteert door het vele bukken en na een tijdje ben ik het wel zat. We vragen nogmaals de medewerkster om hulp. Ik zie twijfel in haar ogen en ook zij loopt aarzelend rond. Haar gezicht wordt steeds roder. Uiteindelijk pakt ze een boek uit de kast en houdt het triomfantelijk omhoog. ,,Hier is het”, zegt ze zichtbaar opgelucht. Missie voltooid! Thuisgekomen bladert mijn dochter vol verwachting in het boek; er gaat welgeteld één pagina over ijshockey. Succes met je werkstuk Pien!