Maandag 6 april, Tuinleven  

Maandag. Mijn vrije dag. Ik besluit mijn werktelefoon uit te laten en ook de laptop blijft in mijn tas. Het mooie weer nodigt uit tot een paar uur tuin. Gister heb ik met Puck de bakken schoongemaakt waar de tuinkussens inzitten. Wat een vreselijke klus. Eerst alle kussens eruit. Helaas kwamen ze niet allemaal ongeschonden uit de bak. Er lag namelijk een plasje water onderin en een van de kussens was dan ook enorm nat en vies. Toen alle kussens uit de bak waren hebben we de bak op zijn smalle kant gezet en zijn we begonnen met het wegvegen van de vele spinnenwebben. De ene na de andere spin kwam uit de gaten gekropen. En dan niet van die kleine of hooiwagens. Nee, er kwamen van die dikke zwarte lijven uit. Gelukkig is Puck minder bang voor deze beesten en samen is het ons gelukt om bijna alle spinnen te verwijderen.

Vandaag heb ik een paar van de hoezen gewassen, want na nadere inspectie zag ik nog wat andere kussens met vogelpoep en koffievlekken. Ook heb ik een wasje handdoeken gedaan. Hoe heerlijk is het dan om de was lekker buiten in het zonnetje te hangen. Verder heb ik vooral genoten van de zon. Veel kranten gelezen waar ik eerder nog niet aan toegekomen was en gekeken naar de prachtige vogeltjes in de boom. De boom die op springen staat.

Morgen is mijn werkdag. Dan klap ik mijn laptop weer open, lees de mailtjes die binnen zijn gekomen en ga ik aan de slag. Mensen bellen en nadenken met mijn collega’s hoe we nu verder moeten. Ik denk overigens wel dat ik mijn pauzes in de tuin ga doorbrengen.

Zaterdag 4 april, Stille straten

Windstil. Twee jongens op een brommer. Ik loop door de straten van Amersfoort. Het voelt bijna alsof ik iets doe dat niet mag. De brommer is inmiddels verdwenen. Ik hoor het geluid van mijn schoenen op de straat. Ik bekijk wat etalages en bedenk me dat ik eigenlijk niets nodig heb. Voorlopig. Gek hoe normaal het inmiddels is om niet meer de stad in te gaan op zaterdagmiddag, om niet meer op een terras te zitten.

Het wordt donkerder.  De lucht in de verte heeft de kleur van blauw voordat het donker wordt. De kleur blauw van onze slaapkamer. Het ruikt heerlijk fris. Sterren in de lucht. Iemand komt me tegemoet. We lachen wat ongemakkelijk. Hoe zorgen we dat we genoeg ruimte tussen ons houden? Verderop lopen drie meiden te lachen. Even lijkt het alsof er niets aan de hand is. Alsof het een gewone avond is.

Ik kijk naar de prachtige toren en loop weer verder. Ik laat het centrum achter me en kom langs een woonstraat. Er branden kaarsen. Kaarsen voor de slachtoffers van Corona. Achter een van de ramen zie ik twee meisjes dansen voor de televisie. Daarnaast zie ik iemand op zijn knieën op de grond. De puzzel is half af. Toen ik thuis vertrok zat Puck ook aan tafel. Een puzzelstukje in haar hand. Ik ben bijna weer thuis. Week drie zit er op. Hoeveel rondjes, puzzels en kaarsen gaan we nog krijgen? Op naar week vier.

IMG_0519

Geloof het of niet… Het virus maakt geen onderscheid

Even dacht ik dat ik het niet goed las. Maar het stond er echt. De kerkdiensten in Urk gaan gewoon door! Er komen niet meer dan dertig mensen, want dat is het maximaal aantal dat mag volgens de regering. Maar de kerkdiensten gaan door want ‘de Bijbel roept op’. Een vloek ontsnapt uit mijn mond.

Ik heb vaak een lichte jaloezie naar mensen die geloven. Ik verbaas me altijd over het grote vertrouwen dat mensen in hun God hebben. Wanneer het virus weggebleven zou zijn van een bepaalde groep gelovigen zou ik me meteen gaan verdiepen in dat geloof. Maar nee hoor, ook gelovige mensen worden besmet. Sterker nog; er zijn geloofsgemeenschappen waar het virus extra hard heeft toegeslagen. Stadgenoot en ChristenUnie-fractievoorzitter Gert-Jan Segers roept kerken dan ook op de grens niet op te zoeken. Ik hoop dat ze naar hem luisteren.

Iedereen moet zich aanpassen. De wereld is niet meer wat hij was. Voor veel christenen zal Pasen dit jaar anders zijn dan anders, maar ook veel moslims gaan een moeilijke tijd tegemoet. Op 23 april begint de ramadan. Bij uitstek een maand om met meerdere mensen te eten en samen te bidden. Maar helaas, het virus laat geen ruimte voor uitgebreide iftars, gezellig chillen door de jongeren tijdens de avonduren en een feestelijke afsluiting in de vorm van het Suikerfeest. Zelfdiscipline wordt extra beproefd. Hoe wrang ook.

Ik vind het arrogant wanneer je als gelovige je verantwoordelijkheid niet neemt en je verschuilt achter de landelijke regels. Om eerlijk te zijn begrijp ik ook niet waarom die regels zo zijn opgelegd. Waarom is een kerkelijk huwelijk anders dan een huwelijk van mensen die niet geloven? Waarom niet een verbod op bijeenkomsten voor iedereen? Gelovig of niet? Burgemeester Aboutaleb van Rotterdam vindt dat ook en heeft gevraagd om een totaalverbod op religieuze bijeenkomsten. Het lijkt mij een logische stap en het is wel zo duidelijk.

Iedereen moet zijn eigen verantwoordelijkheid nemen. Het kan toch niet zo zijn dat ik niet naar mijn moeder ga om haar te behoeden voor corona en dat anderen elkaar gewoon opzoeken om samen te bidden en daardoor juist zorgen voor verspreiding van het virus. Ik denk niet dat God dat een goed idee vindt.

PICT0032-17

 

Maandag 30 maart, Vrienden voor het leven

We woonden zo’n drie jaar met elkaar in een huis. Aan de Molenweg in Zwolle. Vier heel verschillende meiden met allemaal een eigen kamertje waarin we ons terug konden trekken en een gezamenlijke woonkamer waar menig feest in werd gevierd. Het was een heerlijke periode. We hadden al een jaar op kamers gewoond in Kampen en zaten bij elkaar in de klas op de School voor Journalistiek. Toen de ouders van een van ons een huis kocht in Zwolle waren we enorm blij dat we er ook mochten wonen.

Vier vriendinnen bij elkaar, dat was een toptijd. We aten heel gevarieerd omdat ieder zijn eigen recepten meenam. De een was van de kip met sperziebonen, de ander was enorm goed in stamppotten, soms aten we werelds en apart en mijn maaltijd bestond vaak uit: Pilav met rijst of rijst met een kerrieprutje. Je snapt het al, ik was niet de beste kok van ons vieren.

Na drie jaar op de Molenweg gingen we allemaal onze eigen weg. Elsa en ik gingen samen een jaar naar Australië, maar we bleven Carmen en Ilja zien toen we weer terug waren. Er waren maanden dat we niet met zijn vieren bij elkaar kwamen, maar elk van ons bleef in contact met de anderen. Zo kwam ik Ilja en Carmen af en toe tegen bij activiteiten met lokale omroepen in Hilversum en zag -en zie- ik Elsa dikwijls omdat we allebei in Amersfoort wonen.

Maar de afgelopen jaren proberen we elkaar een paar keer per jaar te zien en spreken we ruim van tevoren af. We hadden dat ook gepland op zondag 15 maart. We zouden lunchen, wandelen met de honden van Ilja en Carmen, en borrelen. Maar ja, donderdag de 12e was daar die persconferentie van Rutte.  We besloten onze afspraak af te blazen omdat we al doorhadden dat het niet handig was om elkaar fysiek te treffen.

Dit weekend besloten we met zijn vieren te whatsappen. Met beeld. Het werd een waardevol uurtje. Raar, maar ook wel weer vertrouwd. Even bijkletsen. Horen hoe we elk op onze eigen manier dealen met het virus. Waar Elsa al drie weken binnen aan het werk is omdat haar internationale werkgever al eerder maatregelen had genomen, werkt Carmen in een klein team op de redactie van omroep Max. En waar Ilja de afgelopen week heel hard in haar tuin aan de slag ging, zat ik vaak achter mijn laptop om een dagboek bij te houden en contacten aan te halen. Na een klein uurtje kletsen namen we weer afscheid met het plan om dit soort ontmoetingen erin te houden.

Dat doet de crisis ook met mij. Ik heb enorm behoefte aan contact en dat het digitaal is, neem ik maar op de koop toe. Maar oh, wat verlang ik weer naar het moment dat we gewoon weer met elkaar kunnen afspreken. Dan gaat de champagne open….

IMG_0544

Ilja, Elsa en Carmen (en ik) voor de deur van het huis waar we een aantal jaar samen woonden. Foto is gemaakt in 2014 toen we weer eens terug gingen naar het huis van toen.

Kopje Thee

Een paar weken geleden zat ik een kop thee te drinken toen Puck ineens vroeg: ,,Wat is jouw favoriete seizoen van het jaar?”. Ik keek verstoord op en antwoordde; de lente. Ik geniet enorm van het moment waarop de eerste zonnestralen weer warm genoeg zijn om lekker in de tuin te zitten. Uit de wind en in de zon”. Daarna vroeg ik haar waarom ze de vraag stelde. Ze antwoordde; staat op het theezakje. Ik had de vraag op het label dat aan het zakje zat niet eens gezien.

Hoe anders is het deze week. Bij elk kop thee kijk ik even op het label. “Wat is jouw favoriete sport” en “Kies je voor een stedentrip of een strandvakantie”. Vragen die kortgeleden nog gewoon waren maar waar ik nu toch anders naar kijk. Mijn favoriete sport is momenteel een rondje wandelen rond de stad, ’s avonds zodat ik niet teveel mensen tegenkom. En zowel stedentrips als strandvakanties zitten er voorlopig niet in.

Op de vraag ‘Wat is voor jou belangrijk in een relatie?’ kan ik wel antwoord geven: elkaar steunen en elkaar de ruimte geven. Dat laatste is momenteel niet altijd makkelijk. Ons huis is niet groot. We spreken aan het begin van de dag af wie waar mag zitten en de indeling hangt af van de plannen van die dag. Een vraag als ‘Wat is je favoriete herinnering’ staat ook ineens in een heel ander daglicht. Een paar weken geleden zou ik nog geantwoord hebben; het jaar backpakken in Australië. Nu denk ik aan een moment waarop ik met vriendinnen een wijntje dronk nadat we naar de film waren geweest.

“Wanneer heb je jezelf voor het laatst uitgedaagd”. Het antwoord daarop is makkelijk. De afgelopen twee weken. Het is een hele uitdaging om normaal te leven in deze rare tijd. Om niet bij de pakken neer te gaan zitten. Om elkaar de ruimte te geven. Om niet naar mijn moeder te rijden om haar te knuffelen. Om vanuit huis te werken, terwijl mijn werk eigenlijk voornamelijk bestaat uit mensen ontmoeten.

De vragen zetten me aan het denken. Ik realiseer me hoe de wereld is veranderd. Hoe ik -met terugwerkende kracht- blij had moeten zijn met de dingen die zo vanzelfsprekend waren. Een soort herwaardering van de normale dingen in het leven. Ik hoop dat ik dat gevoel de rest van mijn leven vast kan houden.

IMG_0381 (1)

Donderdag 26 maart, Plasma doneren

Ik vond het gewoon heel gek om in één oogopslag tien mensen in een ruimte te zien. Misschien kwam het ook omdat ik de afgelopen week alleen maar thuis zat. Uitgezonderd de paar avonden dat ik een wandeling maakte rondom het stadscentrum. Maar vandaag had ik een reden om er op uit te gaan. Ik had een afspraak bij Sanquin, de bloedbank. Ik kom daar regelmatig om mijn bloedplasma achter te laten en aangezien de donatie nodig blijft ging ik ook vandaag naar de Amsterdamseweg 43.

Direct bij binnenkomst werd ik geïnstrueerd. Twee keer handenwassen. Niet uitgebreid praten met degene die de naald inbrengt en als ze dichtbij is de andere kant opkijken. Na afloop zelf de papieren bekertjes weggooien. De sfeer was anders dan anders. Nog steeds vriendelijke mensen, maar het voelde vreemd. Het leek ook wel alsof er meer mensen zaten dan normaal. Vooral voor het doneren van bloed waren veel mensen aanwezig.

Gek ook hoe het binnen twee weken al heel bijzonder is dat je in een keer zoveel mensen binnen je blikveld hebt. Gek hoe ik inmiddels vaker dan normaal mijn handen insmeer omdat ze ruw zijn van het vake wassen. Gek hoe ik ineens vol bewondering kijk naar mensen die vol passie doorgaan met hun werk. Het duurde allemaal langer dan normaal. Maar ach, wat geeft het….ik heb de tijd.

Inmiddels heb ik alweer een nieuwe afspraak gemaakt. Over vier weken. Zelfde tijd. Zelfde meid. Als ik tenminste tegen die tijd nog steeds fit ben. Of misschien moet ik tegen die tijd zeggen; weer fit ben?

IMG_0386

 

Woensdag 25 maart, Toch wel echt

Je ziet de beelden vanuit Italië, leest verhalen uit Brabant en ziet foto’s in de krant van het Meander ziekenhuis in Amersfoort. Maar het kruipt pas echt helemaal onder je huid wanneer je daadwerkelijk iemand kent met Corona. Iemand die dicht bij je staat.

Vorige week schreef een kennis al dat ze al dagen op zolder lag omdat ze corona had. Een paar dagen later las ik dat een buurtgenoot was gestorven aan dit klote-virus. En gister kreeg ik het bericht dat een nicht van mij in het ziekenhuis ligt met deze ziekte. Toen ik het las sloeg de schrik me om het hart. Door app-contact met mijn achternichtje bleef ik op de hoogte. Inmiddels hoeft mijn nicht geen extra zuurstof meer te hebben en kan zij, en kunnen wij -zoals het er nu naar uitziet- weer rustig ademhalen. Maar het blijft een angst. Wie is de volgende en hoe pakt het uit? Gaat het om een paar dagen koorts en wat hoesten, merkt de persoon het amper of wordt het uiteindelijk opname op de IC? Het virus is te grillig om het te voorspellen.

Op zich kan ik het redelijk handelen, de wereld die 180 graden gedraaid is. Ik werk wat, bel mensen, ruim een kast op en kom eigenlijk nog helemaal niet toe aan al die klusjes die ik op mijn lijstje heb staan. Maar soms voel ik ineens een knoop in mijn maag of voelen mijn nekspieren ineens als kabels. Soms lukt het me om me te concentreren maar een moment later begin ik te malen. Ik heb een hekel aan de zin ‘dan komt het wel heel dichtbij’. Maar inmiddels is het zover: het is al heel dichtbij.

IMG_7465 (1)